Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
mmm
25
Ik bemin den avond 9 en begroet 10 zoo gaarne 11 den dode 12
der rust 13, de westelijke 14 star 15. (Je/yX-«ee/a? 16 de hoop 17
zoeter 18 is dan 19 het genot 20, zoo is ook21 het verlies 22
der hoop smartelijker 23 dan het verlies van het genot zelf 24.
7. ©é, n. 2.
8. easinfcr, m. 1.
9. sibenb, m. 2.
10. grüge.
11. fo gern.
12. ben Soten.
13. 3lu^e, f.
14. njeftlii^cn.
15. etern, m. 2.
16. fo mie mei(ïcné.
17. .^Öffnung, f.
18. fufer.
15.
19. a(é.
20. @mug,(ü)m.2.
21. fo i(t aud).
22 aserfufï, m. 2.
23. fc^merjlic^jer.
24. felbtt.
Onder 1 de watervallen 2 der groote 3 rivieren 4, merkt
men vooral op 5 den beroemden 6 waterval der Niagara 7 in
Noord-Amerika 8. De paleizen 9 van den koning 10 Salomo
in 11 de stad Jeruzalem, en het zomerverblijf 12 aan 13 den
voet 14 van het gebergte 15 Libanon waren beroemde IQ ge-
bouwen 17. Na 18 Salomo's dood 19, werd 20 het Israëlitische
rijk 21 verdeeld 22, dewijl slechts twee 23 stammen 24, Juda en
Benjamin, zijn 25 zoon 26 Eehabeam tot 27 koning verkozen 28.
1. unter, (3). 10. j?önig, m. 2. 19. S:ob, m. 2.
2. 5Ba(Tcrfaa,(2)m. 11. in, (3). 20. rourbe.
12. 6onimcraufenf#
^alf, m. 2.
13. an, (3).
14. gug, (ü) m. 2.
15. ©ebirge, n. 2.
16. maren berühmte.
17. ©cbäube, n. 2.
18. nad), (3).
3. großen.
4. glüg, (ü) m. 2.
5. bemerft man t)or^
jüglicfe.
6. berühmten.
7. beé aRiagara.
8. 2fIorb#21merica.
9. ^alaj?, (ä) m. 2.
21. Sieid),. n. 2.
22. bert^eilt.
23. meil nur jmei.
24. ©tamm,(a)m.2.
25. feinen.
26. ©o^n, (ö)m. 2.
27. jum, (3).
28. crma^iten.
16.
Wij sprekenl van 2 de voordeden 3, welke 4 de kunsten 5
door 6 de kruistochten 7 verkregen 8. De rivieren 9, de kana-
-1. mir fpredjen. 4. melc^c- 7. jfreuj^ug, (ü)
2. »on, (3). 5. j?un)t, (ü) f. 2. 8. crf)iclten. [m. 2.
3. 33ort^ei(, m. 2. 6. burd), (4). 9. glüg, (ü) m. 2.