Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
345.
40. De Therniopylen.
Aan de oostelijke afhelling 1 van het gebergte Oeta is de
beroemde pas 2 van Thermopylae, welke zijnen naam van de
zich daar bevindende 3 warme minerale bronnen 4 heeft. De
voornaamste dezer bronnen heeft een klaar maar zwavel- en
kalkachtig 5 water. Zij ontspringen aan den voet eener rots
en vormen 6, op 7 geringen afstand van haren oorsprong,
kleine beken, die zich in de zee uitstorten 8. Haar water
heeft aan de bron eene warmte van honderd en drie tot hon-
derd en vier graden naar Fahrenheit, wordt echter tot nu
toe niet gebruikt 9. Deze pas ligt aan de hoofdstraat tusschen
Thessalie en Livadie en heeft eene lengte van eene mijl; zijn
breedte is echter zeer gering 10. Op twee der smalste plaat-
sen 11 kan slechts een enkele 12 wagen rijden 13.
1.2lbfall, m. 4.50Iitui-al? 6. bilbcn. 10. unbebeu?
2. m. quelle, f. 7. in. tenb, gering.
3. bafelblï bc? 5. fchiüefelnmb 8. ergiegen. 11. @(cae, f.
finblld;.
falfh<iltcnb. 9. benugen.
41. V e r v o 1 ar.
12. einjig.
13. fahren.
Op de westzijde van dezen pas verheft zich eene rij 1
hooge, bijna onbeklimbare 2 rotsen, welke de keten 3 van het
Oetagebergte eindigen 4. Op de oostzijde echter zijn diepe
moerassen, die door de nabijzijnde 5 zee bij sterken vloed 6
overstroomd 7 worden. Deze pas kan door een gering aantal
krijgslieden 8 tegen een geheel leger 9 der vijanden gemakke-
lijk verdedigd worden. Hier was het, dat in het jaar vier
honderd en tachtig voor Christus' 10 geboorte 11 Leonidas met
zijne drie honderd Spartanen 12, den heldendood voor het
vaderland stierf. Met vier duizend drie honderd man had hij
deze bergengte 13 bezet, om den Perzen 14 den doortocht 15
te beletten 16 en hen te verhinderen, in Griekenland te drin-
1.3iethe, f. 5. nah. 8. jfrieger. 11. ®eburt, f.
2. unerfteiglich. 6.§luth, f- 9. 3lrme<, f. 12.@parfancr.
3. jfeffe, f. 7. überfchwem? 13. gngpag.
4. fchliegen. men. 10. (ïhrlffi^e«. 14. pcrfer.