Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
335.
rijzig 8 en sierlijk 9 en schiet 10 aan de kruin 11 of kroon
groote twee tot drie voet breede en twaalf tot veertien voet
lange gevederde 12 bladen, tusschen welke de bloesems van
heldergele 13 kleur iii bundels 14, en de vruchten, welke onder
den naam vau 15 kokosnoten bekend zijn, voorkomen 16.
Men ziet aan de kokospalmen het geheele jaar door 17 bloesems
en vruchten. De kokosnoten bereiken de grootte van een
menschenhqofd, zijn somtijds acht tot negen duim 18 lang en
vijf tot zes duim dik, van buiten 19 met een bruingeel 20,
vezelachtig 21 hulsel 22 overtrokken. De schaal 23 is zeer dik,
hard, houtachtig 24 en laat zich draaien 25 en polijsten 26.
1. machfctt.
2. sffienbcfrcié.
3. loder.
4. t»crmtfd;en.
5. feucht.
6. Sßoben.
7. a-Jühc.
8. fdjlanf.
9. jlerlich.
10. treiben.
11. ®pige.
12. gefiebert.
13. heßgelb.
14. 55üfd;el, m.
15. llljft weg.
16. hertjorfom?
men.
17. hinburch.
18.3on.
19. »on 3lu0en.
20. braungelb.
21. faferig.
22. .g)ülle.
23. @d;ale.
24. holzartig.
25. brcd;feln.
26. poliren.
21. Vervolg.
Ofschoon deze zware noten aan zeer sterke en taaie 1 stelen
zitten, gebeurt het toch somtijds, dat zij bij grooten stormwind
van zulk eene hoogte afvallen 2; wie het ongeluk heeft door
zulk eene noot getroffen te worden, komt er 3 zelden met het
leven af 4. "Wanneer de noten nog groen en onrijp 5 zijn,
bevatten 6 zij een buitengemeen 7 verfrisschend sap 8, dat van
aangenamen, zoeten smaak en zoo helder 9 als het zuiverste 10
water is. Dit witte sap wordt kokosmelk genoemd, en de
noot is met dezen verkwikkenden drank 11 zoo gevuld 12
dat het sap, wanneer men door de schaal heenboort 13, met
geweld uitspuit 14. De geheele schaal is inwendig ongeveer
duim dik, en met eene witte , zeer zoete, aangename en vaste
zelfstandigheid 15 bezet.
1. jähe.
2. herab fatten.
3. blijft weg.
4. baoon.
5. unreif.
6. enthalten.
7. überaué.
8. ©aft, m.
9. hett.
10. rein.
11. gabetranf.
12. anfütten.
13. hinburch^
bohren.
14. heraué?
fprigen.
15. @ub(lanj,
f.