Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
334.
want de eigen ellende 4 heeft alle harten gesloten. Zonder
slechts den blik te wenden, slechts het oog onbewegelijk op
den weg gericht, volgt ieder de voetstappen 5 van dengene
die onmiddellijk 6 voor hem gaat; nu gaat alles voorbij, alles
vliedt. De ongelukkige wil het beproeven 7 den optocht 8 te
volgen; maar zijne smartelijke, levensmoede leden zinken te
zamen. De karavaan is voorbij getrokken; zij is voor den
achtergeblevene 9 niets meer dan eene wandelende linie; thans
nog slechts een punt en ook dit verdwijnt. Hij hoort niets
meer dan zijn eigen zuchten 10; alleen, geheel alleen in
de wereld, legt hij zich neder om te sterven.
5. gugfïapfe, 7. ücrfuchcn. 9. jurürfbki? 10. geufjcr.
m. 8.3ug. bcn.
6. unmittelbar.
19. Kokosboom.
Onder de boomen, met welke de natuur de heete landen
versierd 1 heeft, verwekkend de palmboomen 3 het meest de
bewondering van den Europeaan 4. Het zijn prachtige boomen,
welke ten deele 5 de buitengewone hoogte van 100 voet be-
reiken. Uit den grond 6 verheft zich een eenvoudige, meest
idh- en lladerlooze 7 stam, aan welks bovenste 8 einde zich de
bladen, echter meest slechts in gering getal, bevinden.
Tusschen dezelve komen de bloesems 9 in groote menigte te
voorschijn 10. De vruchten zijn bessen 11 of steenvruchten,^
de kleinste gelijk eene kers, de grootste als een kinder- of
ook als een manshoofd. Men kent eene tallooze menigte
soorten 12 van palmboomen, onder welke de dadelpalm 13
en kokospalm 14 de bekendste eu nuttigste 15 zijn.
1. fchmüdcn. 5. jum ï^eile. ober. 12. 2lrt.
2. erregen. 6. «Sobcn. 9. Slüt^e. 13. Saftelpalme,
3. ^alme, f. 7. a(ï? unb 10. ^erbor. 14. j?ofoépalme.
4. Europäer. blattloé. 11. SBeere. 15. nu^bar.
20. Vervolg.
De kokospalm groeit 1 tusschen de keerkringen 2 en heeft
gaarne een lossen 3, met zand vermengden 4, vochtigen 5 grond 6
in de nabijheid 7 der zee. De stam is 60 tot 100 voethoog.