Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
322.
broeder handelt even zoo 6. Ik moet nogtans bekennen 7,
dat liet zeer goede lieden (beste menschen) zijn; zij houdend
veel van 8 mij, daarom houd ik ook veel van hen, en bij
gevolg zal ik nooit iets tot hm nadeel'è zeggen. Ik zoude
hen nog meer beminnen, indien zij minder omslag 10 maakten;
maar iedereen heeft zijne gebreken , en het mijne bestaat 11
daarin dat ik over al hunne plichtplegingen 12 lach.
7. gc(tet)cn.* 10. locniger Um? 12. Somplimcnt,
8. lieben. (ïanbc. n. 2.
0. itmaß 'Slacl^tf)üf 11. befielen.*
ligeé üon il)nen.
200.
Bloemen en planten dienen zoowel tot nut 1 als tot ver-
maak 2. — Noch menschen, noch dieren kunnen zonder lucht
leven. — De slaap 3 verkwikt 4- niet alleen de menschen,
maar ook de dieren en planten. — De insekten leven deels
op de aarde, deels in het water. — De oorlog is een geesel 5
der menschheid; want hij slaat wonden die nauwelijks in
eeuwen 6 genezen 7 worden. —Niet de dood is schrikkelijk 8,
maar slechts onze voorstelling 9 van hem. — Hij is wel is
waar rijk, maar toch niet gelukkig. — Hel is liefdeloos 10,
de gebreken 11 van anderen te openbaren 12, daarentegen
edel, de zijne te erkennen. — De wind «s 13 ons van nut IZ,
dewijl hij de schadelijke 14 dampen 15 verstrooid 16. — Wilt
gij alleen op volkomenheid 17 aanspraak maken 18, daar al
het ondermaanscheid onvolkomen is?
1. jum ïïJu|en. 9. a3or(letlung,f.3.
2. 5uni 23ergnügen. 10. licbloé.
11. geiler, m. 1.
12. aufbecfen.
13. nüfeen.
14. fd;ä'blich.
15. aiuébünfïung,
f. 3.
201.
Wees altijd oprecht 1 en waarheidlievend 2 opdat (*) men u
(*) Het
bflinif.
3. ©chlaf, m. 2.
4. erquicfen.
5. ©cigel, f. 1.
6. 3af)rhunberf,n.2.
7. heilen.
8. fürchterlid;.
16. jerflreucn.
17. aïoHfommcnheit,
f. 3.
18. Slnfpruch ma?
chen.
19. allcé unter bem
COJonbc.
voegwoord auf is verouderd, men bezigt daarvoor liever