Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
316.
„cS mir auf bag ftch «uf «in
„Dlcficht (n-) unmUuIbar hinter
„meinen «poflen hinbeieegte; Ich
„hielt baher mein 2lugebcftan?
„biger barauf geheftet, unb ba
„tß innerhalb weniger gllen oon
„bem Dicf ic^t war, fehlen er mich
„einen ungctDohnilchen ©prung
„5u machen. 3ch entlub fogleich
„meine Büchfe gegen baffelbe,
„unb baS,Shier lag auögcflrecEt
„v>or mir, mit ein 0eft(>hn, iDct?
„d)tß tjon einen ?Kenfchen ju
„fommen fehlen. 3ch ging auf
„baffelbe ju unb fanb ju mein
„Srflaunen ein 3nbler In bie
„.^aut eincö ©chweineS, fünft?
„lieh genug vermummt unb mit
„cin Solch bewaffnet." ©o war
benn baö Släthfel gelöff.
„liet mij dat het zich naar
„een kreupelbosch onmiddellijk
„achter mijnen post bewoog; ik
„hield derhalve mijn oogbesten-
„diger er op gevestigd, en toen
„het binnen weinige ellen van
„het kreupelbosch was, scheen
„het mij eenen ongewonen
„sprong te maken. Ik lostteda-
„delijkmijn geweer op hetzelve,
„en het dier lag uitgestrekt voor
„mij, met een gesteen, hetwelk
„van een mensch scheen te ko-
„men. Ik ging naar hetzelve
„toe en vond tot mijne verba-
„zing eenen Indiaan in de huid
„van een zwijn, kunstig genoeg
„vermomd en met eenen dolk
„gewapend." Zoo was dan het
raadsel opgelost.
OVEE DE VOEGWOOEDEN.
De voegwoorden zijn eene soort van bijwoorden, die de
betrekking aanduiden van de eene rede op de andere, alsmede
de betrekking, welke derzelver deelen op elkander hebben.
Men kan de voegwoorden in de volgende soorten onderscheiden:
1. Verbindende voegwoorden :
unb, en.
auch, ook.
fowohl — alé auch, ^oo
— als ook.
noch, nog.
nicht nur — fonbern auch,
niet slechts — maar ook.
bag, dat.
beéglelchen, insgelijks.
erft, eerst,
bann, dan.
ferner, verder.
2. Rede-voortzetlende voegiooorden:
enblich, eindelijk,
erflllch, ten eerste.