Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
311.
fen bic 3nbianec Steigen
einverleibt, unb aué fte Jïrieger
gemacht, jeboch mehr für eine
2lrt ^rieg, an ber fte getpohnt
lüaren, wenn fie gegen bie mib
ben Jhiere auéjogen. @ie fpran?
gen aué ih« unburchbringliche
2Balber hei'for unb cerurfachfen
Verberben in baé (Snglifche
.^eer, mittelfï ihre ^Pfeile ober
Siebte, ©ie erfchlugen bie ©chilb?
wache in ber gile unb beim
erflen Särm fïohen fte mif mö?
glichfte ©chneHigfeif in ben SBal?
bern ttnb jiDifchen gelfen, in
welche bie (Snglänbcr fïe nicht
folgen (3) fonnfen.
47.
Sie gnglänber pcrloren Viele
t3on ihr .C)eer, ohne in ben ©tanb
JU fein, biciJ Uebel ju öcrhin?
bcrn. Oft bachten bie gelb?
herren über bie ©ache nach,
hielten Siath mit einanber, aber
fte fanbcn feine ?Oiiftcl gegen
biefen jRäubern, bic n»ie3vaub?
thiere über fte h«r fielen, ©ie
fonnten nichfö weifer thun alS
ihre Vorpoflen biiS ju eine groge
Entfernung auöjubchncn, unb
um bie .^auptarmee beflanbig
Sßache JU halfen. — 2luf ben
©ränjen einer i»cite Ebene flanb
JU biefe 3elt ein 3nfanterie?3ie?
giment, beffen ©efchäff war.
tocht. De Amerikanen hadden
de Indianen in hunne gelederen
ingelijfd en uit hen krijgslie-
den gemaakt, echter meer voor
eene soort van oorlog, aan
welken zij gewoon waren, wan-
neer zij tegen de wilde dieren
uittrokken. Zij sprongen uit
hunne ondoordringbare wou-
den te voorschijn en veroor-
zaakten vernieling in het En-
gelsche leger, door middel van
hunne pijlen of bijlen. Zij
sloegen de schildwachten in
der haast dood en bij het eerste
alarm vloden zij met de meest
mogelijke snelheid in de wou-
den en tusschen rotsen, in
welke de Engelschen hen niet
volgen konden.
DeEngelschen verloren velen
van hun leger, zonder in staat
te zijn dit kwaad te verhinde-
ren. Dikwijls dachten de veld-
heeren over de zaak na, hiel-
den raad met elkander, maar
zij vonden geene middelen
tegen deze roovers, die als
roofdieren op hen aanvielen.
Zij konden niets verder doen
dan hunne voorposten tot op
eenen grooten afstand uit-
strekken, en om het hoofdle-
ger bestendig wachthouden.
Op de grenzen eener wijde
vlakte stond op dezen tijd een
regiment infanterie, welks last