Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
290.
Zij zijn vervat in de volgende regels:
S5ei: burch, für, oh««/ auch fonber, gegen, raiber,
@d)rei6 fïeté bcn 21 cc'fati» (*) unb nie bcn Satib nieber.
d) Voorzetsels die den vierden naamval regeeren, wanneer
zij eene verandering van plaats aanduiden en den derden
naamval, wanneer zij eene rust of eene beweging in eene
plaats beteekenen :
an, aan. unter, onder. üor, voor.
auf, op. in, in. achter,
über, over. neben, neven, naast, jnjifchen, tusschen.
Zij zijn mede vervat in het volgende versje:
2ln, auf, hinter, neben, in,
lieber, unter, t»or unb jrolfchen,
(Stehen bei bcm Slcc'fati»,
SBenn man fragen fann: mohtn?
S5ei bem Satiü (iehn fie fo.
Saß man nur fann fragen: reo?
Voorbeelden.
1. Voorzetsels met den tweeden naamval.
Un roeit beé ïhotc^/ "iet ver van de poort.
3ÏJittel(t of eermittelfl eineé sgriefeé, door middel vaneen
brief.
•S'raft feineé 3lmteé, krachtens zijn ambt.
ïBahrenb beé jïriegeé, gedurende den oorlog.
Sa ut fcineé Vcrfprechené, naar luid van zijne belofte.
25 er möge S5efehlcé, krachtens uw bevel.
Ungeadjtet feiner ©efchicflichfeit, in weerwil van zijne be-
kwaamheid.
2llïer ^Bemühungen ungeadjtet, niettegenstaande alle pogingen.
Oberhalb beé .^aufcé, boven het huis.
Unterhalb beé (Sartené, beneden den tuin.
innerhalb bcr êtabt, binnen de stad.
Slußerhalb beé Sorfeé, buiten het dorp.
Sleéfeit beé ©rabeé fel roeife, jenfeit beffelben feiglüdlich!
wees wijs aan deze en gelukkig aan gene zijde van het graf!
•Oalben en roegen. (Zie bladz. 112 4.)
(*) Vierde naamval.