Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
278.
in öctn v^crj, faßt wie ein lech?
jcnbcr ïiger über bich ftinft
bein SSlut, erlabt ftd? am SBaiJer
bcineé SJIagené unb geminnt
Alraft, baé blü^enbe ©cftabe
ber 503ü|ïe ju erreidjen. Saé
Äameel i(ï bem 2lraber geboren,
fein ©claoe, fein Sieichthum,
»on 3lbrahamé Jeiten her bté
jum heutigen Sage. (Eé i(i baé
©chiff/ auf (3) roclcheé cr bie
5Sü(ïe burchjicht; eé tragt ihn
ju g^cHa'é, JU (3) fOïebina'é
heilige Sempel; geleit ihm burd;
(4) bie 2öü(te ©ahara'é jum
reichen Simbuftu unb bem glän?
jenben Sïiger.
dolk in ÜW hart, valt als een
bloeddorstige tijger op u aan,
drinkt uw bloed, verkwikt zich
aan het water van uwe maag
en krijgt kracht, om den bloei-
enden oever der woestijn te
bereiken. De kameel is voor
den Arabier geboren, zijn slaaf,
zijn eigendom van Abrahams
tijden af tot op den huidigen
dag. Hij is het schip op hetwelk
de menscja de woestijn doortrekt;
hij draagt hem naar Mekka's,
naar Medina's heilige tempelen,
geleidt hem door de woestijn
van Sahara naar het rijke
Timbuktu en den blinkenden
Niger.
44.
(Eine SWi§ge(laßt tft cé, ohne Eene wangestalte is hij, zon-
©chmucf, ohne Slnmuth, halö
pferb, halb ©chaf; mit (3) ge?
fpaltenc Êippe, mit fletne, auf?
gefteßte Ohren, mit lange ge?
bogene .^alé (m.), bem Sßart
an Qjruf! unb tinn, bem hagern
der sieraad, zonder bevalligheid,
half paard, half schaap, met
gespleten lip, met kleine op-
staande ooren, met langen ge-
bogen hals, den baard aan
borst en kin, het magere kruis
jïreuj unb furjer ©chroeif. 2luf en korten staart. Op hooge
(3) hohen Seine fchreit eé baher, beenen stapt hij daarheen, gaat
geht Sage lang fehler belaben,
fort unb ermübt nicht. S)te
Slatter ber gjlimofe, ber Sifteln
unb fïad>eltg ©efirüpp (n.) finb
feine Sïahrung; er erlabt fïch
am iSSaffer ber Êtfterne unb
nimmt baoon ein SJorrath (m.)
auf (4) bic Sieife mit; feiten
rctrb ihm ein Srunf aué (3)
frifcher Üuefl (m) ju Sheil.
dagen lang , zwaar beladen ,
voort en wordt niet moede.
De bladeren der mimosa, dis-
telen en stekelige struiken
zijn zijn voedsel, hij verkwikt
zich aan het water van den
regenbak en neemt daarvan
een voorraad op de reis
mede; zelden valt hem een
dronk uit eene frissche bron