Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
14
zeg hem 14, dat iJc in 15 de kamer ben 16. De moeder
geeft 17 aan de dochter van den kleermaker 6 de speld 18 en
de naald 19, die zij van 20 het meisje ontvangen heeft 21.
9. êrfju^mai^cr,
©d)U(ter, m.
10. 6t(efcl, m.
11. Oßenn.
12. ^ager, m.
•18. etecfnabcl,
jïnopfnabct, f.
19. gïabel, f.
20. n)eIc^)cfie»>on(3).
21. empfangen ^at.
13. fommt.
14. fofagenêiei^m.
15. bag id) in (3).
16. bin.
17. giebt.
3.
De vaders der meesters. De eigenaars der tuinen. De broe-
ders van de tuinlieden. De spiegels der zusters. De kamers
der meisjes. De degens van de schermmeesters 1. De beurzen
van de broeders. De sleutels der kamers. De dochters van
de moeders. De pennen der scholieren.
1. gcc^tmei|ïer, m.
4.
De pen, de griffel 1, de passer 2 en het pennemes 3 van den
neef 4 des dansmeesters 5. Geef 6 de schaaf 7, den beitel 8 en den
hamer 9 aan den schrijnwerker 10, de tarwe 11 aan den bakker 12,
de hop 13 aan den brouwer 14, en den zadel 15 aan den zadel-
maker 16. Zeg 17 aan den wisselaar 18 (/ai! 19 den wissel 20
verwacht 21. Waar is 22 de koetsier 23? Bij 24 het rijtuig 25.
10. Sifc^jler, m. 19. bag ic^).
11. Sffieijen, m. 20. 5Bcd)feI, m.
12. 3jacfer^ m. 21. crroarte.
13. .^opfen, m. 22. n>o t(t.
14. Srauer, m. 23. .^utfc^jcr, m.
15. 6at(el (a), m. 24. bei (3).
16. Sattler, m. 25. SBagen, m.
17. fagen @ie.
18. fffiec^éler, m.
5.
De pennen, de griffels, de passers en de pennemessen van
de neven der dansmeesters. Geef de schaven, de beitels en
de hamers aan de schrijnwerkers, de tarwe aan de bakkers,
de hop aan de brouwers en de zadels aan de zadelmakers.
Zeg aan de wisselaars dat ik de wissels verwacht. Waar
zijn 1 de koetsiers? Bij de rijtuigen.
1. ftnb.
1. ©rtffel, m.
2. Jirfel, m.
3. gebermeflTer^ n.
4. SSetter, m.
5. Sanjmeifter, m.
6. ©eben ©ie.
7. .^obel, m.
8. ©ïeigef, m.
9. jF)ammcr (ä), m.