Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
14.5
mac fo fc^imer ju (efen, baé ic^
ihren ^n^alf nur mit ?Oïühe
entjifferfe. — Unfe .g)anbfch)riff
ifi oft unfe cr(ïe Empfehlung
6ci unfen entfernten ©ónnern.
ting, uw laatste brief was zoo
moeielijk te lezen, dat ik des-
zelfs inhoud slechts met moeite
ontcijferde. — Ons schrift is
dikwijls onze eerste aanbeve-
ling bij onze verwijderde pa-
tronen.
32,
Ser SMonb crleud;tet burc^
ihre ©trahfen unfer €rbbaa (m.)
aber fein Sic^t ifï nicht fo blcn#
bcnb n)ic baó Sicht bcr ©onne
unb Cé bringt feine SBärmc
hcröor., Unfere <Srbe üoHenbet
in einem 3ahre feine 2fCclfe um bie
©onne unb bcr SDJonb ifï ihren
Scgleiter auf (3) ihrem ®egc.
Sie .g)immcléförpcr, roclche fic^
mie unfe (£rbe um bie ©onne
bcrocgen unb eon (3) fïe erleud;tet
n)crbcn, nennt man «planeten.
Saé 3tinb ifï uné nü§lich)fïeé
.^auéthicr. 5£Bir brauchen ihre
gjjilch (f.) ihr Slcifc^, ihre .^aut,
ihre J^aarc unb .^örncr. — Sic
ipferbe ücrthcibigcn fid) mit (3)
ihre J&interfüge, bie Dchfcn
mit (3) ihre .^brner-
De maan verlicht door hare
stralen onzen aardbol, maar haar
licht is niet zoo verblindend
als het licht der zon en het
brengt geene warmte voort.
Onze aarde volbrengt in een
jaar hare reis om de zon en de
maan is hare gezellin op haren
weg. De hemellichamen, welke
zich, gelijk onze aarde, om de
zon bewegen en door haar ver-
licht worden, noemt men pla-
neten. Het rund is ons
nuttigst huisdier. Wij gebrui-
ken deszelfs melk, deszelfs
vleesch, deszelfs huid, deszelfs
haar en horens. — De paarden
verdedigen zich met hunne
achterpooten, de ossen met
hunne horens.
33.
fficlc^cé öon (3) bicfen «pfer;
be gefallt bc^cn?
Sicfer gefäüt mir beffcr alé
jener. Sicfer ^at eine fchöne
14® druk.
Welk van deze paarden be-
valt u het best? Dit bevalt
mij beter dan dat. Dit heeft
eene schoone kleur, eenen wel-
10