Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
103
naamval door bijvoeging van den uitgang ctl verbogen, wan-
neer zij zonder zelfstandig naamwoord staan en als zoodanig
gebruikt worden; b. v. auf allcrt 23ietcn gc^cn, op handen
en voeten gaan.
2. RANGSCHIKKENDE GETALLEN.
Om de rangschikkende getallen te vormen, voegt men bij
de hoofdgetallen, van jmct tot en met neunjc^n, de letter-
greep te, met uitzondering van einé en brei, welke in ber erjte
en ber britte veranderen. Bij al de overige voegt men jïe:
ber cr|ïe, de eerste. ber elfte, de elfde,
ber jmeite, de tweede. bcr fiebje^nfe, de zeventiende,
bcr britte, de derde. bcr neunjc^nte, de negentiende,
ber toiertc, de vierde. bcr jwanjigfïc, de twintigste,
bcr fünftc, de vijfde. ber ac^tjiglïc.detachtigste, enz.
Wanneer de woorden derde, vierde, vijfde, enz. dienen
moeten, om den noemer eener breuk aan te duiden, heeft men,
om ze te vertalen, slechts de letter I bij de rangschikkende
getallen te voegen; b. v. jroci ©rittcl, twee derde; brci 23iertcl,
drie vierde; jïebcn jlüanjtgffcl, zeven twintigste; enz. Het
woord f)alb, met een telwoord samengesteld, wordt niet ver-
bogen; b. V. jc^nte^alb ^funb, tiendehalf pond. Doch buiten
eene dergelijke samenstelling volgt het de buiging der bijvoe-
gelijke naamwoorden, ein ^albcr ©ulbcn, een halve gulden, enz.
Aanmerkingen.
1. Sweife^olb i® niet in gebruik: men zegt daarvoor anbcrt^alb.
2. De Duitschers tellen de vierendeelen en de minuten
der uren op eene wijze, eenigszins verschillend van de onze,
daar zij eerst het getal der kwart-uren of der minuten noemen,
en daarna het voorzetsel auf met het hoofdgetal, dat het uur
aanwijst, hetwelk de klok zal slaan; b. v.:
cin 3Jiertel auf ciné, kwartier over 12.
fünf unb jroanjig SJütnuten auf fec^é, 25 minuten over 5.
brei SSiertcI auf neun, of cin SJicrtcl üor ncun, kwartier voor 9.
3. Het woord beibe, beide, wordt als een bijvoegelijk naam-
woord verbogen, b. v. beibe 2Jugcn, mctne bciben Brübcr; beide
oogen, mijne beide broeders.