Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
auf bie Grfinbung neuer, ange;
ue^mer ©erid)te, ©ie grauen;
jimmer (n.) waren eitel unb
liatten mannigfac^jen, fc^önen,
foftbaren ^lerat^en. ©iefeg
thöric^tej? SSolf war aber fd;wach
unb weid;lid), unb würbe balb
eine leichte Beute ber ffarfe
unb fräfttge SRac^barn, wie bie
glücflid)C, fleigige unb mächtige
©tabt jfroton.
op de uitvinding van nieuwe
aangename gerechten. De vrou-
wen waren ijdel en hadden
menigvuldige, schoone, kost-
bare sieraden. Dit dwaze volk
■was echter zwak en verwijfd,
en werd weldra eene gemak-
kelijke buit der sterke en krach-
tige naburen, zoo als de geluk-
kige, vlijtige en machtige stad
Kroton.
22.
©ie furchtbare Äönigfdjlan;
ge i)ï fo lang wie ein groge
gid)ten(ïamm, f)at (ïarfen unb
fpiöen 3ahne, ein grog ©chilb
(m.) am (3) Baudje unb am
©cbwanje eine fc^one bunte,
gelb unb braun gefiecfte .^aut.
©ie i(ï nicht giftig, aber grog
unb ftarf genug um ber fraft;
üolle ©tier, bcr wtlbe Buffel
unb ber grimmige ïiger ju be;
jwingen. ©ie liebt wäfferigen
Bobcn unb walbigcn ©cgcnbcn.
Dbgleid) ungeheuer grog iff fïe
flinf unb fdjncK, ©ie jerbric^t
bie j?nod)en ber gewaltige Shic«,
frigt ihren Bauch ganj t)otl,
unb ift bann fdjwerfällig. 2(n
biefem hüifïofen Juftanbe wirb
fie ein Siaub ber ^nbianer,
weld;e biefen gefährliche geinbin
tobten, baê gleifch beffelben alé
einen fófïlid;cn Braten (m.) effen
unb bie fchone .^aut ju (3) hohe
14° duuk.
De vreeselijke koningsslang
is zoo lang als een groote pijn-
boom, heeft sterke en spitse
tanden, een groot schild aan
den buik en aan den staart eene
schoone, bonte, geel en bruin
gevlekte huid. Zij is niet ver-
giftig, maar groot en sterk ge-
noeg om den kraehtigen stier,
den wilden buffel en den grim-
migen tijger te bedwingen. Zij
houdt van waterachtigen grond
en boschrijke streken. Ofschoon
verbazend groot is zij flink en
snel. Zij breekt de beenderen
der geweldige dieren, vreet
haren buik geheel vol en is
dan loom. In dezen hulpe-
loozen toestand wordt zij een
prooi der Indianen, welke
deze gevaarlijke vijandin doo-
den, haar vleesch als een
kostelijk gebraad eten, en
de schoone huid voor hooge
7