Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
113
Dat aanhoudend oorlog voeren kostte echter schatten. De
winsten, door de Compagnie met haar handel behaald, werden
er voor een groot gedeelte door verslonden. Daarbij kwam
nog, dat haar dienaren niet zelden er meest op bedacht waren,
in korten tijd rijk te worden, waarom zij zich vaak aan de
grofste oneerlijkheid schuldig maakten. Dat alles was oorzaak,
dat de geldelijke toestand der Compagnie lang niet aan de
verwachting beantwoordde. Wel trachtte zij dien zoo lang
mogelijk te verbergen, door den aandeelhouders hooge uitdee-
lingen toe te wijzen, maar het geld daarvoor moest geleend wor-
den , en 't spreekt vanzelf, dat dit redmiddel ook maar van korten
duur was. Terwijl dus de Compagnie een schijn van uiterlijken
glans poogde te behouden, geraakte zij meer en meer in verval.
De Javanen hadden onder het bestuur der Compagnie veel
te lijden. De voortbrengselen, waaraan zij haar winsten ont-
leende, werden, gelijk wij weten, verkregen door overeenkom-
sten met de vorsten; aan hen werd ook de prijs uitbetaald. Of
de mindere man, die de gewassen had geteeld, van de waarde
wel iets in handen kreeg, was een zaak, waarover de die-
naren der Compagnie zich niet bekommerden. De belastingen,
die de inboorlingen aan hun hoofden betaalden, bestonden, ge-
lijk nog heden gedeeltelijk het geval is, in arbeid-, die zooge-
naamde Heerendiensten legden hun de verplichting op, om ge-
durende een bepaalden tijd voor den vorst of een ander hoog-
geplaatst persoon te werken, zonder dat daarvoor vergoeding
werd toegekend. Onder de leiding der Compagnie werden de
heerendiensten tot een ondragelijke hoogte opgevoerd, want om
uit hun betrekkingen met de Europeanen meer voordeelen te
behalen, eischten de hoofden telkens meer arbeid bij de aan-
kweeking der .handelsartikelen. Niet zelden kon de oogst der
rijstvelden niet worden binnengehaald, omdat alle handen wer-
den beziggehouden ten behoeve der Compagnie; niet zelden
ook werd een geheel dorp van zijn sawah's beroofd, omdat
de gronden in beslag genomen werden voor het aankweeken
van andere producten. In die dagen ontstond er op het door
de natuur zoo rijk bedeelde Java herhaaldelijk hongersnood; de
bevolking geraakte dan in opstand of week uit naar andere
oorden, waar zij minder werd verdrukt.
H. C. VAN DER HEIDE, Kijkjes in de Oost. I. 4e druk. 8