Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ie, O of oo, u of uu, euenoe, uitgesproken alsiu
ti-tel, die-Den, bo-de, vu-ren, reu-zen en stoe-len.
De toonlooze klinkers zijn drie in getal: e, i en u, uitgespro-
ken als in de woorden daden, zandig, Dokkum.
Worden mijn, zijn, ee« zonder klemtoon uitgesproken, dan hoort
men daarin de toonlooze e,
In dikwijls en in het achtervoegsel lijk: eerlijk, zindelijk enz.
hoort men eene toonlooze i 1).
Bijzonder luidt als bezonder of lizonder.
Er zijn elf tweeklanken, namelijk: ai, ei of ij; ui, au, ou,
aai, ooi, oei, aau, eeu, ieu.
De tweeklanken ai en aau worden tegenwoordig alleen nog ge-
hoord als tusschenwerpsels van pijn.
De eenige drieklank iaau komt alleen voor ia het tusschen-
werpsel miaauw en het werkwoord miaauwen, dat ook miauwen
gespeld wordt.
De ij is een willekeurig aangenomen schrijfteeken voor ü.
4. De medeklinkers worden in vier soorten verdeeld: in Jialf-
Minkers, vloeiende letters, sisletters en vaste letters.
De halfklinkers zijn j en w. ■
De vloeiende letters zijn de tongletters 1 en r en de neusletters
m en n.
De sisletters zijn s en z.
De vaste letters zijn: b, p, v en f, lipletters; t, g, ch enh,
keelletters; d en t, tongletters.
b. Eene lettergreep is een spraakgeluid, dat óf zelf een
geheel woord, óf een deel van een woord uitmaakt. Het
woord ei bestaat uit eéne lettergreep, eiers uit twee, eier-
Jtoe^ uit drie lettergrepen. Men heeft alzoo éénlettergrepige,
tweelettergrepige, drielettergrepige woorden, enz.
[Opcne en geslotene lettergrepen.]
1) De ij van rijk in leerrijk, belangrijk, deugdrijk, luisterrijk enz.
mag niet als eene toonlooze i uitgesproken worden, evenmin als de ij in
desgelijks, insgelijks, soortgelijke, dergelijke enz.