Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
74
la de uitdrukking Met hun tienen is hun 4de n.
In sommige streken hoort men voor haar alleen heur. Bij Zuid •
nederlandsche schrijvers komt deze vorm dikwijls voor. Bij Noord-
nederlanders vindt men heur (zoowel als heure voor hare, enz.)
alleen dan, wanneer de welluidendheid dit schijnt" te vorderen:
Eij bond heur den haarband om; Pauline, de meest geliefde van Na-
poleons zusters, leefde meestal te Rome, waar heur paleis, als de
zetel van smaak en kunstzin, de verzamelplaats der uitgele^ßnste
kringen werd, (Ä. W. Ekgelen.)
Nu drukt hij eens heur zachte hand,
Daar hij een kusje steelt,
En met de lokjes om haar hals,
Heur bruine lokjes speelt.
J. Bellamy. Roosje.
't Licht, in één polsslag, vliegt tweehonderdduizend mijleu:
Toch wandelt zevenmaal de Aarde om heur zonne rond.
Eer de allernaaste star heur licht op aarde zond!
God noemt die ruimte — een span! hoe zal de Mensch haar heeten ?
J. J. L. ten Kate. Be Schepping,
In de volgende zinnen staat de 4e n. der persoonl. "^oorn, in
plaats van den eersten:
1°« Wij gingen met ons vieren, d.i. Wij gingen, wij vieren met
elkander; Zij deelden hei onder hun \herf\ drieën, d.i.: Zij deel-
den het, zij drieën onder elkander, enz. 2°. V Is hem, voor: 't
Is hij; Hij is het; V Was haar, 't Was haar zelve, voor: 't Was
ze; Zij was het zelve; enz. 3°. Ben Heer geloofd en Hem gedankt,
voor: De Heer [worde] geloofd en Hij [worde] gedankt; enz.
In kanselarijstijl staat wij voor ik: Willem III, [door]
de gratie [genade] Gods Koning der Nederlanden, enz. enz. 1)
In: Ik heb het alles gezien is het persoonlijk voorn., gelijk in:
Ik heb dit alles, dat alles gezien, dit en dat aanwijzende voorn, zijn.
1) Alleen, de koningin van Spanje houdt zich in staatsstukken aan het
eenvoudige ik.