Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
fq)insbek en de overige meialen; diamant, agaat, koraal enz.;
lei, ardu! i, albast, marmer, barnsteen, gips, pleister, krijt;
bont, hermelijn, schildpad, ivoor, balein, kurk, draad, doek,
linnen, lijnwaad, moor, sajet, tijk enz.
Amber (barnsteen) is m.; v. zijn die namen, welke op eene toon-
looze e eindigen; aard^, zijde, serge of jarr^if enz., alsmede haai,
kant, langet, watten, wol en saai, dat ook o. gebruikt wordt. In
sommige streken is sajet'dW^tn v.
Men onderseheide wel 't geslacht van het woord als stofnaam
vau dat als voorwerpsnaam; b. v.: Het diamant is duur; Hij
vond een kostbaren diamant; Eet kurk is goedkoop; Werp dien siech'
ten kurk weg; Uet zeildoek was versleten; Zij sloeg een warmen doek
om; Be dief van het gouden koord werd gestraft met de koord; Hij
kocht eene snuifdoos van het kostbaarste schildpad, dat ooit eene
schildpad geleverd heejt ; Be beddetijk was van dat tijk vervaardigd;
Het hermelijn komt van den hermelijn en het sabel van den sabel,
5®. Die verzamelwoorden, welke eene vereenigiug van een
^>epaald getal voorwerpen van dezelfde soort aanduiden, als:
het paar, het koppel 1), het span, het honderd, het dozijn, het gros
^twaalf dozijn of 144 stuks), het snees, het stijg (beide een twintigtal),
het schok (soms een twintig-, gewoonlijk een zestigtal): Hoemek
VisscHER heeft zijne Zinnepoppen in schokhSi (zestigtallen) verdeeld»
In : yien verkoopt de noten bij hei hcnderd, het vijf en twintig enz.,
zijn honderden vijf en twintig verzamelwoorden; in: Beze noten kosten
12 cent de hcnderd [noten], de vijf en twintig [noten], enz., zijn
honderd én vijf en twintig hoofd- of grondgetallen.
Verder de meeste verzamelwoorden, als: woud, bohch, foreest.,
hout, duin, heir, leger, ooft, fruit, (soort), stel, s-i vies, volk,
want, gemeen, gepeupel, geraad enz.
Vim, eene hoeveelheid van 104 bossen, is v.: Het dekstroo wordt
hij de tim verkocht.
1) Koppel is m. in de beteekenis van koppelband zoowel als in die
vau hoop, menigte, kudde: De rundertyphus is uitgebroken onder ee7ien
koppel de-gemeente A,