Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
waarheid, gezindheid, kindsheid, hindschheid, sociëteit, rariteit,
majesteit, quantiteit, qualïteit, securiteit, soliditeit enz.
Kindüieid beteekent kinderleeftijd; kindsckheid, den toestand van
oude lieden, die aan verzwakking van geestvermogens lijden. Som-
migen geven in beide beteekenissen aan kindsckheid de voorkeur,
-De woorden, welke op «weindigen, als: gevange-
nis, geheugenis of heugenis, droefenis, beeltenis, verbintenis,
muizenis i) (gepeins, mijmering), ontstentenis (afwezigheid,
gemis, mangel) enz.
Vonnis, zooveel beteekenende als gevonnis, is onzijdig, zoowel
als vullis, eene verbastering van het v, vuilnis,
'Getuigenis wordt alleen in deftigen stijl soms vrouw, gebruikt.
In het dagelijksch leven is 't immer onzijdig,
ffDe getuigenis des Heeren is gewis, den slechten 2; wijsheid
gevende." Psalm 19, vs. 86. In den berijmden psalm is't woord
echter onzijdig gebruikt:
't Is Gods getuigenis.
Dat eeuwig zeker is »
En slechten wijsheid leert.
Zoo ook Ps. 119, V. 84.
Gewoonlijk stelt men, dat getuigenis v. is in den zin van de
daad van getuigen, het afleggen van eene verklaring door een ge*
tuige, en o. in de beteekenis van het getuigde, de afgelegde ver-
klaring: Ik vorderde van_ hem de getuigenis, d. i. dat hij getui-
gen zoude, dat ik onschuldig was. Zij zochten valsche getuigenis
tegen Hem, opdat zij Hem dooden mochten. Het getuigenis kwam
1) Bit woord komt af van het verouderde werkwoord muizen, ver-
want aan het Engelsche io muse, peinzen, mijmeren, 't Komt voorin:
Muizenissen in het hoofd hebben en luidt dan gewoonlijk muizennesten.
Hoogst zelden komt het woord in 't enkelvoud voor. Wij troffen het
aan in M. P. Rosmades' novelle Be Huisvriend: „Wat babbelde die
Reindert daar?" sprak de winkelier een weinig ontstemd; doch hij schudde
die muizenis uit het hoofd.
2) Slechten beteekent hier eenvoudigen.