Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
Een appel in den 31ei
Is zoo goed als een eu
Mei wordt ook wel v. gebruikt; het m. geslacht verdient de
voorkeur. Een van Tollens'gedichten heeft tot opschrift:/s jf«.
Lente is vrouwelijk.
De namea van bergen, als: de Eina, deHekla,de
Karmel, de Sion enz.
6". De namen van munten, als: cent, stuiver, pennmg,
schelling, gulden, rijksdaalder, (Spaansche) mat enz.
Vrouwelijk zijn guinje en pistool. Als wapentuig is pistool
tevens onzijdig. Verder is mtjt 1) v. en oort o.
70. De namen van werktuigen, die op er eindigen, als:
blaker, gieter, snuiter, stamper, hoender; aker, hamer,
moker enz.
De meeste dezer woorden zijn gevormd van den wortel eens
werkwoords.
Verreweg de meeste woorden op er zijn manuelijk. Vrouwe-
lijk zijn:
Ader, bagger, blaar of bladder^
kaper, keper, klater, lädier,
kwelder, lommer, loover, lever^
schilfer, veder, luier, zeever^
letter, kluister, kamer,
vesper, pleister, paander,
8®. De namen van levenlooze voorwerpen, die op aar
eindigen, als: lessenaar, evenair, i^ahmelaar, kandelaar,
beukelaar (schild), boezelaar, wassenaar (wassende maan).
90. Alle woorden, welke op erd eindigen, alsi mosterd,
1) Eene mijt, oudtijds de kleinste koperen munt, had bijna de waarde
van het tiende deel van een Ned. cent. Een oort was het vierde gedeelte
van een stuiver, of twee duiten. Oort beteekende in het algemeen het
vierde gedeelte van eene maat of munt. Een oortgulden was een kwart-
gulden; enz.