Boekgegevens
Titel: Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1868
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 192 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204437
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche spraakkunst: een beknopt handboekje voor hulponderwijzers en kweekelingen en leerlingen van normaal- en hoogere burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
134
het ondericerp overeen; in de laatste twee volzinnen, waarin de
werkw. toevallig terugwerkend zijn, komt de bepaling in naamval
met het voorwerp overeen.
Het gebruik van als, in volzinnen als de volgende, is niet aan
te bevelen: Liefdadig als hij waff, had hij alles voor anderen veil;
Hij wilde van geen toegeven hooren, halsstarrig ah hij was; Ik,
nietige, als ik ben.
En mengt zich ook een traan met d' ingegoten wijn.
Dat doet hun harten goed, rampzaalgen als ze zijn.
Tollens, Nova Zembla,
Daar lag hij, op het stroo gestrekt,
Ter dcod verwezene als hij wes.
Tollens, Dirk Willemst, van Asperen,
Terug! 't is rog geen bioeien&tijd,
Vermeetle pronkster als gij zijt.
De Gékestet. Een vroege Heesterlloesem,
Die gezelschappen worden alleen bezocht door zulke studenten als
begeerte hebben om te werken; Hij had een ontzettend geheugen, dat
hiet alleen belangrijke feiten en gebeurtenissen bewaarde, maar ook
zoodanige kleine bijzonderheden en anecdoten alt bijna elk ander
vergeet.
De bepaling, welke door middel van het voegwoord ah met het
zelfstandig naamw, of voornaamw. verbonden wordt, kan in den
len, 4en en 3en naamval staan, al naardat zij bij onderwerp,
het voorwerp, of eene bepaling behoort. Bij voorbeeld: Hij stierf
als held of als een held; Htj vereert hem als dankbaar leer-
ling; Gij zorgdet voor hem, als zijn voogd; Als uw vriend,
behartigde ik uwe belangen; — Hij vereert hem als zijn vriend;
Ik bemin hem ah mijn broeder; Ikbeschouw hem ah mijn vij'
and; — Hij is mij, als zijn leermeester, veel dank verschuldigd;
Zij hebben hun, ah hunne trouwe vrienden, veel dank te we*
ten; — De raad uwt vaders, ah mijn vriend, w geld waard, In dezen