Boekgegevens
Titel: In sloot en plas
Auteur: Heimans, E.; Thijsse, Jac.P.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-251
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204398
Onderwerp: Biologie: zoögeografie, zoö-ecologie, Biologie: plantengeografie, plantenecologie
Trefwoord: Waterplanten, Waterdieren
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   In sloot en plas
Vorige scan Volgende scanScanned page
fjG
padden heeten ze hier en daar in ons land, allemaal toe'
konistige kikkers, salamanders of padden; draaitorren, van
allerlei soort, die even hun lustige quadrille aan de opper-
vlakte gestaakt heljben; muggelarven of poppen, net bokken
met horens, die als dol over den kop buitelen; en. ... jonge
stekeltjes, die evenals die andere dieren daar in die daphnia-
vfolk kwamen soupeeren.
Hier hebben we het natuurlijk voedsel voor onze vischjes;
eiken dag een scheutje uit den voorraad, en binnen korten
tijd kunt ge met rechtmatigen trots uw kameraden volwas-
sen vischjes toonen, die ge uit het ei, ab ovo zeggen de
geleerden, hebt geteeld.
En niet alleen voor die jonge stekeltjes zijn ze het hoofd-
voedsel, de oude lusten ze ook dolgraag en worden er dik
en vet van; ook heel veel andere vischsoorten leven hoofd-
zakelijk van daphnia's; men plant ze met vaten vol in
karpervijvers over, en vooral in de meeren zou de visch
heel gauw uitsterven als er geen daphnia's bestonden; dat
is in den laatsten tijd bij onderzoek gebleken. Ja, tegen-
woordig kan men ze in het buitenland versch of gedroogd
per kilogram uit den winkel halen, ten gerieve van aquarium-
houders of vischkweekers. Dat uitmuntend visclivoer wordt
daar tegenwoordig ook opzettelijk in het groot geteeld.
In een verloren uurtje moet ge zoo'n levende daphnia
eens in een droppel water met de loupe bekijlcen; dat het
diertje maar een oog heeft, en wel, een dat hij als een
molentje in het rond kan draaien, ziet ge al heel gauw;
misschien ook nog dat het grootste deel van het lichaam
van het diertje in een dubbele schaal is besloten, die veel
van een mosselschelp heeft, en waarbuiten de vertakte
sprieten uitsteken.
Voor de rest is het een gewriemel en gedraai en geslinger
of er honderd wieltjes aan het diertje zaten, alle tegelijk