Boekgegevens
Titel: In sloot en plas
Auteur: Heimans, E.; Thijsse, Jac.P.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-251
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204398
Onderwerp: Biologie: zoögeografie, zoö-ecologie, Biologie: plantengeografie, plantenecologie
Trefwoord: Waterplanten, Waterdieren
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   In sloot en plas
Vorige scan Volgende scanScanned page
helderen over, dan vragen wij er de natuurvorschers naai'.
Onderzoek maar eerst, of uw pikzwarte tor wel den ge-
heelen kop aan de oppervlakte brengt. Neen, niet waar?
Alleen een van de sprieten, nu eens den rechter, dan weei'
den linker. En vreemd, hij steekt ze eerst boven water en
onmiddellijk daarop slaat hij de bovenste helft er van, diè
dikke knop met nog een paar leedjes, naar beneden terug
in het water; de spriet schijnt gebroken, en de breuk raakt
de oppervlakte.
Tot zoover gaat het waarnemen vrij gemakkelijk, maar
nu verder. Gij en ik zijn al tevreden, als we zoover geko-
men zijn, dat wij weten, dat de pikzwarte op die zonder-
linge wijze de lucht opneemt met zijn sprieten.
Maar de natuuronderzoekers blijven bij zoo iets niet
staan, zij moeten het fijne van de zaak weten, het hoe.
het waartoe en waardoor; en zij zijn er achter gekomen.
Die het eerst het naadje van deze kous heeft gevonden, heeft
er heel wat turens en hoofdbrekens aan gehad; daar kunt
ge u van overtuigen als ge de moeite wilt doen, met be
hulp van bijgaande teekening die merkwaardige inrichting
eens even na te gaan.
Het figuurtje links stelt den spriet voor in rust, het
andere in den stand van ademhahng. De geledingen 7, 8
en O daarvan zijn neergeslagen, 6, 5, 4, 3, 2 en het wor-
tellid 1 dat aan den kop bevestigd is, zijn opgericht geble-
ven; de bovenste leden 9, 8, 7 onderscheiden zich van de
andere, zoo als ge ziet, door sterke beharing en uitsteek-
sels; daartusschen blijft de lucht hangen, zij vormen met
hun drieën een buis; het bovendeel 7 daarvan raakt de
oppervlakte van het water; het ondereind — de punt van
het laatste (9de) lid der spriet — ligt een eindje onder wa-
ter; het pijltje wijst den weg van den luchtstroom, die