Boekgegevens
Titel: In sloot en plas
Auteur: Heimans, E.; Thijsse, Jac.P.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-251
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204398
Onderwerp: Biologie: zoögeografie, zoö-ecologie, Biologie: plantengeografie, plantenecologie
Trefwoord: Waterplanten, Waterdieren
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   In sloot en plas
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
onderstuk: den wortel (op de rechterhelft der teekening met
w aangeduid); daarop kan de dikke steel zich naar rechts
of links een weinig bewegen. Uit den top van dien steel
ontspringen, buitenwaarts gericht: de kaaktaster fk.t.) en
binnenwaarts gericht, een binnenste kaakstnk (kj. Dat bin-
nenstnk is van stijve, hoornachtige pennen voorzien, die het
voedsel bewerken vóór het door de keel gaat. De dienst van
de kaaktasters (kt) is nog niet met volkomen zekerheid aan
te geven. Bij het vreten zijn ze voortdurend in Ijeweging,
de pikzwarte kever en ook de gerande watertor brengen ze
telkens met het voedsel in aanraking. Wellicht bevatten ze
smaakzintuigen. Alsof dat niet ingewikkeld genoeg was,
vindt men op het binnenste kaakstnk bij veel kevers nog
een tweede stel kaaktasters (kt'J.
De derde (roodgetinte) afdeeling (de onderlip) is ook nog
al geleed. Die bestaat uit: de kin k, daarop de eigenlijke lip
met de tong I, en deze zendt naar rechts en links weer een
gelede taster (l.t.i uit, liptaster genaamd.
Het onderste, niet getinte deel van den kop, is het hoorn-
achtige keelstuk.
In hoofdzaak is het kakenstelsel bij de verschillende kever-
soorten aan de beschi'evene gelijk. Zoek nu tot oefening de
overeenkomstige deelen even op, aan de beide kleine, afzon-
derlijk geteekende onderkaken van een paar andere kevers.
Dan merkt ge al dadelijk eenige kleine afwijkingen. Zoo
is bij de eene de binnenste kaaktaster fkt') van een eigen
steel voorzien, en heeft het binnenste kaakstuk een steunend
verlengstuk, dat tot aan den wortel (w) reikt. De andere
onderkaak (hij is van een zandloopkever) draagt aan dat
binnenstuk fk) een beweeglijke tand ftd) en dat stuk ligt
vlak tegen den steel (st) van de onderkaak.
Dat is een heele anatomie geworden, maar ik hoop, dat
ik een enkele van mijn lezers, die kevers verzamelt, en