Boekgegevens
Titel: In sloot en plas
Auteur: Heimans, E.; Thijsse, Jac.P.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-251
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204398
Onderwerp: Biologie: zoögeografie, zoö-ecologie, Biologie: plantengeografie, plantenecologie
Trefwoord: Waterplanten, Waterdieren
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   In sloot en plas
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
De spaan moet dan in de lengte, maar slechts natir éen
zijde, om scharnieren kunnen samenslaan en bij den terug-
slag openklappen. Zoo'n spaan is werkelijk wel te maken,
ook wel misschien met voordeel te gebruiken bij onze
gewone roeibootjes. Wie weet, wordt één van u nog eens
de uitvinder van een verbeterde roeimethode! De menschen
hebben het zeilen en sturen en zwemmen wel van de vogels,
visschen en kikkers afgekeken, waarom zou onze rugge-
zwemmei" op zijn beurt den menschen eens niet een nieuwe
roeimanier aan de hand kunnen doen.
Dat ook de gerande waterkever behendig zwemmen kan,
al is hij nu niet de vlugste onder de roeiende insecten,
bemerkt ge, als hij, in een niet al te groote waterkom, jacht
maakt op een stekelbaarsje; ondanks de veel samengestelder
mekaniek der zwemtoestellen van dat vlugge vischje, moet
dit het afleggen tegen den kever. Heeft hij het eens inge-
haald, dan worden de roeipooten buiten dienst gesteld, de
middel- en voorpooten worden grijptangen, — zie maar eens
wat een doornen en klauwen er aanzitten, — en de kromme
kaken beginnen hun moorddadig werk.
De mannetjes van den geranden waterkever hebben, voor
het geval de pooten of kaken zoo gauw geen vat kunnen
krijgen — o. a. op de gladde harde schubben van een vischje —
nog een geducht middel om zoo'n glibberige prooi het ont-
komen te beletten. Twee tarsen van den voet der voor-
pooten zijn verbreed tot een schijfje; dit doet dienst als
zuignap, het werkt ongeveer op dezelfde wijze als het stukje
leer aan een touw, waarmede ge steenen uit de straat kunt
lichten. De wijfjes hebben dit schijfje niet, en zijn door dat
gemis nog beter dan door het bezit van groeven in de dek-
schilden van de mannetjes te onderscheiden, want er zijn
wijfjes gevonden zonder, of bijna zonder groeven, maar
nooit met hechtschijfjes aan de pooten. Aan een dood