Boekgegevens
Titel: In sloot en plas
Auteur: Heimans, E.; Thijsse, Jac.P.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-251
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204398
Onderwerp: Biologie: zoögeografie, zoö-ecologie, Biologie: plantengeografie, plantenecologie
Trefwoord: Waterplanten, Waterdieren
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   In sloot en plas
Vorige scan Volgende scanScanned page
Maar Swammerdam hield hem staande en vroeg hem,
hoe hij zijn uitstallinfj vond.
Met schuchteren bhk zag de knaap den vriendehjken
meester aan; het was of hij droomde en nog steeds de
wonderlijke schepselen van zooeven voor zijn oogen zag
bewegen. De meest,er herhaalde zijn vraag, terwijl hij zijn
pijp stopte en zijn hoed opzette, om ook nog even lucht te
gaan happen aan den IJ-kant.
(,Staat het er morgen ook nog?" klonk zacht de wedervraag.
,;Zeker, mijn jongen, en al staat het er niet meer, omdat
ik de kast noodig heb voor zalfpotten en poéderdoozen,
kom dan gerust den winkel binnen. Ik heb nog heel ^at
groOter en mooier dieren in huis. Jij hebt zeker niet ge-
<lacht, dat al die dieren uit de Oost waren gekomen, wel?"
//Neen, meester, dat niet, dat begreep ik wel, maar ik
wist toch niet, dat er zooveel verschillende dieren in onze
slooteu leven, zoo dicht bij ons, vóór ik het u hoorde zeggen."
//Nu, goeden avond. Ja... hoe heet je?"
//Antony, meester; Antony van Leeuwenhoek."
//Wel, Antony. kom zoo vaak je wilt naar het aquarium
kijken; maar je zult er nu toch al wel alles van gezien
hebben, wat er aan te zien is; je hebt er de oogen haast
niet afgewend!"
,/Ja, maar ik zou er graag nog tneer van willen weten.
Wat die dieren den heelen dag doen; hoe ze eten, adem
halen, zich voortbewegen, hun prooi vangen, en ik zag nog
zooveel, dat ik niet goed begrijp!"
„O, staat zoo de zaak; dat doet rne genoegen. Maar wat
doe je eigenlijk voor den kost? je moogt er je werktijd niet
Man opofferen."
//Ik ben op een lakenwinkel, meester, ik heb na den
middag dikwijls vrijaf, en ik ben hier heel alleen, mijn fa-
milie wonnt in Delft."