Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
tevreden land, en daehten ook op de belooning van
getrouwe raadslieden en ambtenaren.
Niets stoorde deze verkwikkelijke rust en zekerheid,
dan enkele benden van bedorven krijgsknechten, die,
gewoon te plunderen en te moorden, hun bestaan bij
voortduring zochten te vestigen in roof en moord;
docli voor het te keer gaan van zoodanige misdrijven
zorgden dc hooge strafgerigten. — Niets ook stoorde de
eendragt tusschen de verschillende Landsheeren, tus-
schen regeerders en onderdanen, tusschen oud- en
nieuwgeloovigen, dan enkel regtstwisten; doeh V(x)r
derzelver beslechting waakte het Rijkskamergerigt. Zoo
schoten dan de planten des vredes allengskens lang-
zaam op, landbouw, handwerken en koophandel bloei-
den , en algemeene welvaart verbreidde niet alleen al-
lerwege tevredeidieid, maar ook vreugde en vrolijke
opgeruimdheid.
7.
De zorg voor het onderwijs des volks, en roor de
Vleest doeltreffende wijze ter inrigting Tan dit ondeneijs,
viel in gecnen deele onder het bereik van de bcnioei-
jenisscn der regering. De vorsten, die, zich verheu-
gende over den gelukkigen toestand, waarin zij hunne
onderdanen mogten aanschouwen, dien nog meerder
trachtten te bevorderen, waren het, die er 't eerst
aan dachten, hun ook dc hoogere goederiüi, de vor-
ming en verlichting van den geest, te doen deelach-
tig worden.
S- 8.
In de protestantsche landen werd daar wel het eerst
op acht geslagen; want het beoefenen der Heilige Schrift,
als éénige bron der geloofsleeringcn, in de oorspronke-