Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
overeenstemming het grondbeginsel van het onderwijs
moet zijn, zal het de vereischte uitwerking hebben; dal
een vrijwerkend verstandelijk toezen zich te eerder en
gewilliger in de zamenleving schikken zal, hoe meer het
zijn leven, volgens zijnen stand, in betrekking tot het
geheel heeft leeren inzien en kennen; dat, indien het
Schooltoezen door het hoogste Staatsbesttmr juist be-
grepen, in deszelfs gang, volgens een vast beginsel,
doeltreffend geregeld, en door raadslieden, die het toare
inzigt hebben in de zaak, geleid, door kundige opzie-
ners bewaakt, en door bekwame ondenoijzers bediend
wordt, hetzelve, volgens de natuurlijke wetten van het
menschelijke leven, noodwendig de gewenschte vruchten
voor zeden, deugd, Godsdienst en maatschappelijke leel-
vaart moet voortbrengen, en bij gevolg het algemeen
geluk bevorderen.
Zulke en andere belangrijke leeringen en opmerkingen
ons te ntitte makende cn behartigende, kunnen daar-
van niet dan goede en heilrijke gevolgen voorspeld wor-
den.
Wagen wij het dus de van de aangenomen ziens -
en handeltoijze zoo zeer aftoijkende denkbeelden van
GnASER aan ons onderioijzend publiek aan te bevelen,
dan doen wij zulks, ja wel, met eenig vertrouwen op
ons gevoelen nopens het vele goede, dat in zijne in-
zigten in het algemeen ligt opgesloten, doch zonder ons
zegel te hechten aan alles, wat zelfs in dit werkje
voorkomt. De aandacht van onze onderwijzers op iets
anders te wijzen dan hetgeen, om zoo te zeggen, aan
de orde van den dag is, en hun een ruimer veld ter
beschouwing en bearbeiding tc openen, tot heil van ons
Vaderlandsch schoohcezen cn ondertrijs, tcas en is nog
23*