Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.320
oefenhigsscholoB niet kon worden verworven, dan man-
gelt het haraj leerlingen aan do noodige zaakkennis
(Realiën), welke de nijverheidsschool insgelijks onder^
stelt. Wordt nu de leerling niet volgens de methode
van het onderwijs voor het leven op eene doeltreffende
wijze met de gevorderde zaakkundigheden (Realkenntnis-
sen) vertrouwd gemaakt, en aan deze het verstands-
vermogen insgelijks geoefend; dan zal de nijverheids-
school geheel onvoorbereide leerlingen ontvangen, en
met hen in beiderlei opzigt zich vruchteloos aftob-
ben. Het is te wenschen, dat do ondervdjzers van dc
nijverheidsscholen opgewekt worden, om zich ten aan-
zien van deze punten openhartig en gemoedelijk te
verklaren j wij zouden alsdan gewis billgke en gegron-
de klagten over het aangeduide gebrek vernemen (1),
to weten, indien wij de onderstelling mogen aanne-
men, dat zij zelven degelijke onderwijzers zijn en de
taak behoorlijk bevatten, welke hun bepaald vak van
hen vordert (2).
(1) In ons Land hebben do bestuurders dier scholen der-
gelijke klagt ook reeds werkelijk te berde gebragt, en daar-
door de berispende opmerkingen oyer het gebrekkige van het
bestaande schoolonderrigt bevestigd. — Maar niet alleen f zij,
ook alle onderwijzers der nijverheidsscholen, zullen, indien zij
TOor hunne taak berekend en in waarheid onderwijzers zijn,
dezelfde klagten moeten aanheffen. — Of lij echter inderdaad
onderwijzers zijn, is eene vraag, waarvan de nadrukkelijke
beantwoording door vaderlandlievende mannen, die kennis
aan doorzigt en billijkheid paren , nog moet worden afgewacht.
(2) Apothekers , horologiemakers , practische timmerlieden of
metselaars, en zoo ook practische landbouwers, mogen in
staat z^n in hunne bijzondere vakken — aan leerjongens eeni-