Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.313
medebewoners der aarde, loien hei licht van het Evan-
gelie nog niet verschenen is ? — Moet hij niet juist
door dese kennis ons aller geluk erkennen in deze Gods-
dienst en door middel van dezelve hst bedoelde ver-
band tusschen de aardbewoners? — Moet door de ken-
nis van den grooten rijkdom, door des Scheppers hand
in gindsche werelddeelen verspreid, de vereering en
aanbidding des Oneindigen niet nog levendiger worden ? —
Moet de opleiding eens Christens niet tot die hoogte
worden opgevoerd, dat hij in staat is eene godsdienstige
verrukking te gevoelen bij het beschouwen van het uit-
spansel ? — En moet door die beschouwing zijn geloof
niet levendiger, zijne godsdienst opgewekter, zijne aan-
dacht inniger en zijn levenswandel vromer moorden ?
Maar dusdanige indrukken op 's menschen gemoed
kunnen enkel plaats vinden onder dc voorwaarde,
dat zijn geest vatbaar is gemaakt om dezelve op te
nemen.
§. 255.
Er schiet hier evenwel nog over te overwegen een
zeer gewigtig punt van dergelijke opleiding. De voor-
stelling van het harmonisch tezamenleven, welke reeds
bij den aanvang van het onderwijs als grondslag in
het gemoed werd gelegd, en daarna door de voor-
stelling van een door Christus gesticht Godsrijk werd
geheiligd, ontwikkelt zich nu natuurlijk in den jeug-
digen geest tot het groote idee van het Goddelijke
wereldbestuur, waardoor alles en alles met den schep-
ter der Alwijsheid in eenen harmonischen voortgang
wordt geleid; een idee, hetwelk de Christelijke ziel
met het hemelsche licht vervult, zoodat zij eerst nu
volledig den zin van Jezus woorden aangaande Gods
22*