Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.307
be leve.<«sbetrekking der menschheid.
Slot van het aanvankelijke onderwijs.
§. 253.
Het levensonderwijs geeft de duidelijkste hhjken van
de deugdelijkheid van deszelfs grondstellingen en de
voordeden van deszelfs toepassing, met name bij
het voleindigen v.in den leergang, zoo als wij ons
daarvan levendig zullen moeten overtuigen, wanneer
wij thans de consequent volgende uitwerkselen sleehts
oppervlakliig in oogenschouw nemen.
Het heeft den leerling opgewekt, aangewezen en
geoefend, om een ganseh werelddeel met een' oogop-
slag te omvatten, in hetzelve een door hemelsche
wetgeving onderhouden verbond van verschillende
volken te aanschouwen, de tot instandhouding van
deszelfs verband werkzame natuur op te merken, in
den ongelijk verdeelden rijkdom over die landen het
bestuur van den Algoede te zien, en in de daardoor
noodzakelijke aaneensluiting van de volken den wenk
waar te nemen, dat ons Christus nog allen aaneen
zal verbinden ; doch tevens ook, dat ieder er op bedacht
moet zijn, om zich te schikken in de betrekking,
welke de Godheid hem in dit groot verband der
menschen, zijner broederen in Christus, heeft aange-
wezen , en op niets te denken, naar niets te trachten
en niets te doen, wat tegen deze hem door de hei-
lige Leer uitdrukkelijk voorgeschrevene verpligting aan-
drnisclit.
Nu spoort echter het onderrigt den tot hiertoe langs
de verschillende trappen van de levensbetrekkingen ge-