Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.303
des leerlings ziel is opgewekt, en door eene nieuwe
toevoeging, als een geestelijk leven in gemeenschap,
door Jezus geregeerd — is geheiligd geworden, wordt
de leerling tot de kennis gebragt van de verschillende
landen; dan, overeenkomstig de grondstelling der
methode, slechts in zoo verre, als noodig is, om de
door de Godsdienst gebodene verbindtenis thans ook
als door de natuur bevolen, te erkennen, welk ge-
bod echter, zoo als ook vroeger geschiedde, weder
onder het Godsdienstige gezigtspunt van Gods behoeden-
de zorgen gesteld moet worden.
249.
Deze kennis van datgene, wat de natuur in al die lan-
den oplevert, en hoe zij werkt, zoo ook, wat in dit op-
zigt gindsche menschen eigenaardigs, voordeeligs en uit-
stekends , ook voor anderen, verrigten, vermag wel de leer-
ling, onder da aanvoering des onderwijzers, met heoor-
deeling van de aardrijkskundige gesteldheid, zelf te vinden.
§. 250.
Op die wijze slechts verkrijgt de leerling eene vier-
voudige élémentaire kennis voor het leven, namelijk
eene aardrijkskundige, natuur - historische, natuurkundi-
ge en anthropologische. — De methode stelt daarbij
het onderwijs in veiligheid tegen het overschrijden van
de grenzen van elke bijzondere mededeeling, even als
voor het leeren van onnutte afgebrokene opgaven. Het
meest echter bewaart de methode het onderwijs voor
het gevaar van misbruik, vooral voor het ontaarden
van de verworvene verstandelijke vorming, door alle
kennis, ook op deze hoogte, onder het godsdienstig ge-
zigtspunt te plaatsen; inzonderheid door de Christelijke
Godsdienst in haar schoonste licht voor te stellen, in dat