Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.274
cn wij allen moeten, als zijne kinderen, ons rondom
hem scharen, en vast en eendragtig, als één huisgezin,
ons aan elkander aansluiten, opdat geen vreemdeling
ons in ons huisgebied kunne storen, leed doen of er
ons uit verdringen. Doch ook in dat inwendige moe-
ten wij den Koning in zijne zorg voor ons welzijn met
alle mogelijke bereidwilligheid, volgzaamheid en trouw
ondersteunen. Dit gronddenkbeeld van de ware vader-
landsliefde wordt door middel van de methode tot de
levendigste overtuiging verheven.
226.
Is het voorname gronddenkbeeld van het vaderland
behoorlijk in het gemoed des leerling gevestigd, dan
is hij ook in staat om het echte en vruchtbare begrip
van alle instellingen van de Grondwet des rijks zich
van zelve te vormen; hij heeft niets meer noodig dan
de methode haren geregelden gang behoorlijk te laten
gaan en te ondersteunen.
§. 227.
Men moet hem, namelijk, trachten te brengen tot
het inzigt en de overtuiging, dat de Koning, tot de
behoorlijke besturing van onze maatschappelijke belan-
gen , Ministerien, en wel dezulke, als zich in werking
bevinden, moet hebben.
Het eerste, dat beschouwd en overwogen moet wor-
den, is het Ministerie van Oorlog; het tweede, dat
zich aan het genoemde aansluit, het Ministerie van
Buitenlandsche Zaken; het derde, het Ministerie van
Btnnenlandsche Zaken (in grootere Staten verdeeld in
een Ministerie van Eeredienst, van Openbare TVerken
enz.); het vierde het Ministerie van Justitie, en het
vijftle, het Ministerie ran Financiën.