Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.262
Jfu mogen ijverige godsdienst • leeraars in het ver-
volg van hun onderrigt door eeno veelzijdige eatheehi.
satie daaraan geest en leven trachten te geven; hun
doel wordt niet bereikt, dewijl er geen behoorlijke
grond is gelegd. — JFal niet uit den geest geboren is,
heeft en kan geen leven erlangen.
Een zelfde gebrek vertoont zich echter ook bij het
godsdienstig onderwijs der Protestanten, Wanneer een
catheehismus met de Heilige Schrift begint, tot welke
eerst de in de kennis der Christelijke openbaring in-
geleide leerling kan geraken; of, wanneer het onder-
vrijs met de verklaring aanvangt van Gods eigenschap-
pen, eer nog het denkbeeld van Gods bestaan en wer-
ken in de ziel is opgewekt; of, wanneer de cathechis-
mus het onderwijs doet beginnen met de verklaring
van Gods geboden, hetgeen eerst na eene volledige on-
derwijzing aangaande het Oude en Nieuwe Testament
moest geschieden; of, wanneer het onderwij» met de
vraag aanvangt: 7Vük is nw geloof? eer nog is
voorgesteld en begrepen, wat door geloof in- 't al-
gemeen verstaan moet worden; of, wanneer het onder-
wijs tot grondslag legt eene verzameling van denk-
spreuken en rijmen, welke den leerling worden gege-
ven om van buiten geleerd te worden, voor en aleer
hij nog in staat is den zin eener spreuk te bevatten;
nog eenmaal zij het gevraagd: wat is van zulk eeu
onderwijs anders tc verwachten dan een — aangeleerd
Christendom? O! mögt men toch dit hoogst belang-
rijke onderwerp onbevooroordeeld, bezadigd en ernstig
overwegen!
§. 202.
Wij moeten den gang der methode op dezen trap