Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.247
bewuste driederlei soort van scholen) is gegeven,
was het idéé mn het ware menschenleven onbekend j
daarom wist het natuurlijk ook niets van de gTond-
legging der kennis van dit leven, en nog veel minder
van de methodische uitbreiding derzelve. In de ééne
school legde men het enkel toe op de voortgezette oefe-
ning in het leeren, in de andere hoofdzakelijk op de
grootere uitbreiding van het onderwijs, en in dc der-
de voornamelijk op meer verhoogde denkoefeningen.
Tegenover deze betreurenswaardige gebrekkigheid heeft
nu de methode van het aanvankelijke onderwijs den
grond gelegd tot de kennis van het ware menschen-
leven en zulks in de aanschouwehjke kennis van het
fiuuilie-leven. Ten einde deze kennis gestadig aan
meer volkomen worde, en meer bezielend en vrucht-
baar voor het leven van elk voor zich zeiven en in
de vereeniging (Communlcben); gaat de onderwijs -
methode met den leerling over in eene nieutve sfeer
van het leven in gemeenschap, en tracht, als ware het,
de aanschouwelijke overtuiging te bewerken, dat ook
hier — hetzelfde organisch verbondene leven plaats
vindt — plaats moet vinden. Op deze wijze wordt nu
het gronddenkbeeld of de typus van een organisch te-
zamenleven (Gemeindeleben) door alle zich uitbreiden-
de trekken aan de ziel voorgesteld. Derhalve komt
alle kennis van de bepalingen van dit leven enkel in
zoodanige uitgebreidheid voor, als op de woonplaats be-
trekking heeft; doch de zedelijke gevolgtrekkingen
verkrijgen hier een geheel eigenaardig licht, hetwelk
zich over het ganschc leven uitspreidt, het leven van
ieder afzonderlijk in betrekking tot het leven in ge-
meenschap deszelfs ware rigting geeft, en den mensch
18