Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.221
lijke voortbrengselen van deze aanschouwing tevens te
loor gegaan.
liet is ook hier, dat het aanvankelijke onderwijs in
alle takken van de kennis van het leven en van het-
geen daar invloed op uitoefent, door de werking der
methode, den gi-ond legt.
Het onderwijs omvat het volledige leerplan: Natuur-
lijke Geschiedenis, Natuurkunde, Aardrijkskunde, An-
thropologie, Spraakkunst, Geschiedenis, Rekenen en Tee-
kenen , Regts -, Zede - of Godsdienstleer, zoo als reeds
uit het vorig gezigtspimt is opgemerkt.
§. 175.
De methode van onderwijs volgt, bij het hier be-
doelde onderwijs, streng de navolgende regelen: voor-
eerst : alles door den leerling zelven te laten opmer-
ken, inzien en beoordeelen; ten andere: alle kundig-
heden uitsluitend op het leven toepasselijk te maken.
langs dezen weg wordt in de eerste plaats het lee-
ren in het algemeen, en ten andere de nuttelooze,
ja bedenkelijke overlading des leerlings ontweken.
De methode gaat van het beginsel uit, dat dc leer-
ling eerst in de aanschoutoing moet geoefend worden;
want tot hiertoe heeft hij al de voorwerpen, welke
het dagelijksche leven bepalen, en die hij nu moet
aanschouwen,- wel gezien, maar niet — aanschouwd,
ten einde zich van dezelve eene bepaalde kennis te
verschaffen, met betrekking op het maatschappelijk le-
ven. Om die reden legt de methode van onderwijs
het er op toe, om met den leerling de geheele tot
dus verre bij hem bekend geworden wereld te door-
wandelen , en hem bij elk voorwerp op te wekken
tot deszelfs aanschouwing, nogtans altijd met betrek-