Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.219
degenen, die ons dienst bewijzen cn tvcldoen, — gevoe-
lens , gemoedsgesteldheid en stemming, welke op dezen
eersten trap van het onderwijs door den indrnk der
methode, als ware het, uit eene aanschouwelijke over-
tuiging van de volstrekt noodzakelijke voorwaarde van
een vreedzaam tezamenleven, zieh in het kinderlijk
gemoed vestigen, en, indien deze éénige gelegenheid on-
gehruilct wordt gelaten, in het vervolg, ondanks alle
bedrijvigheid van het op oude gewoonte gegronde
schoolonderwijs, niet tneer zoo geheel tot het inwen-
dige eigendom gemaakt — maar enkel aangeleerd kun-
nen worden (1); want de aanschouwelijke opvatting
(1) O , dat toch dit voorname punt van de methode van
onderwijs met bijzondere oplettendheid wierde opgemerkt en
in ernstige overweging genomen! Het niet in het oog hou-
den daarvan is inderdaad de oorzaak van onze klagten over
de verkeerde denk - en handelwijze van den tegenwoordigen
tijd. Slechts datgene, wat uit het zich zeiven aanschouwende
leven als stemming en gezindheid voortkomt, heeft grond,
duurzaamheid en uitwerking TOor de verdere vorming des levens.
Al begint gij , goedgezinde onderwijzers! uw Godsdienstig
onderwijs ook met de indrukwekkendste katechese over de
eerste leerstellingen van de Godsdienst, gij zijt toch niet in
staat de Godsdienst in het hart te bevestigen, en met het
leven als ineen te smelten» Gij kunt de leerstellingen wel
aan hun verstand voorkatechiseren , het hart dringen zij niet
binnen, en daarom hebben zij duurzaamheid noch uitwerking
op het leven. AVant slechts dat, wat uit het hart komt,
gaat weder naar het hart terug en doordringt geheel het le-
ven der ziel, gelijk het bloed in deszelfs omloop uit en fn
het vleeschelijkc hart de hoofdbron is van het physieke le-
ven.
Laat u toch niet van het spoor brengen door de angstval-