Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.211
andere naastbij gelegene te laten volgen, en . dat der-
halve voor de algeheele kennis van het leven een grond-
slag en tevens zekere vorm moet worden bewerkt, dia
voor de uitbreiding van het onderwijs tot aan deszelfs
einddoel dient te worden bijbehouden.
Aanmerking. Van deze voorsehriften schijnt het
tot hiertoe bestaande onderwijs in 't geheel niet»
te weten; want het begint, zoo als bekend is,
deszelfs onderrigt, naar oude gewoonte, met
lezen en schrijven, en gaat dan van lieverlede
tot andere voorwerpen over, indien het zooda-
nige nog heeft te onderwijzen. Maar uit dien
hoofde kan ook het gevoelen, dat zulk een
onderwijs af te keuren is, wel als hard ge-
oordeeld, maar moet toch waar bevonden wor-
den.
d.) Het ondencijs moet dien ten gevolge deszelfs be-
paalde tijdruimte, en in hetzelve een begin, eene voort-
zetting en een eindpunt hebben.
e.) In de tijdruimte van het leven, in hetwelk het
onderwijs invalt, moeten twee hoofd - tijdvakken worden
aangenomen, te weten, het eene, waarin het onderwijs
de levenskennis in hare beginselen mededeelt, en het
andere, gedurende hetwelk het ondencijs die aanvankelij-
ke kennis, door dezelve op het practische leven toe te
passen, opheldert, derhalve dieper in de zaak intreedt —
een tneer zakelijk ondencijs {Realunterricht) wordt.
f.) Eene tijdruimte, binnen xcelke voor het leven eene
hoogere vorming gegeven wordt, behoort niet meer tot
den kring van het eigenlijke ondencijs.
g.) 7>e wijse van onderrigten, welke zich voornamelijk
de ontwikkeling der levenskennis ten doel stelt, kan ha-