Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
.196
van het Goddelijke; — een ondei-wijs, hetwelk den
mensch uitsluitend in de vereeniging met menschen laat
zien; — een onderwijs, hetwelk vroegtijdig het beeld
van de organische orde in de menschelijke zamenleving,
als de éénige voorwaarde voor het ware leren, te on-
derzoeken en te leeren kennen, en de wereld, als het
beeld van de Goddelijke orde en harmonie, te aanschou-
wen geeft; — een ondencijs, hetwelk uit dien hoofde
reeds vroeg, ook ten aanzien van de kennis des men-
schen, deszelfs afhankelijkheid van God laat inzien, en
daardoor de eerste gevoelens van godsvrucht voortbrengt; —
een onderwijs, hetwelk daaruit de van zelve volgende
noodzakelijkheid tot bewustheid brengt, dat hij zyn le-
ven naar den wil van God moet inrigten; — een on-
dencijs, dat hierbij ook de verdere overtuiging den
mensch bijbrengt, dat hij uit zich zelven niet in staat
is Gods wil volkomen te kennen, en daarom ook de
wensch natuurlijk doet geboren worden, om die kennis van
God zelven te erlangen; — een onderwijs derhalve, het-
welk reeds vroegtijdig de behoefte aan eene Openbaring
doet gevoelen, en om die reden ook den grond legt voor
een levendig geloof, wanneer de daadzaak der Openba-
ring aan de ziel wordt voorgehouden; — een ondetimjs,
hetwelk in deszelfs trapswijze uitbreiding de tot bewust-
heid gebragte begrippen van God, den Mensch en de
Natuur steeds meer en meer verduidelijkt, de gegeve-
ne gezigtspunten ter beschouwing van het ware men-
schelijke leven in de gemeenschap allengskens meer op-
heldert, het geloof aan den Goddelijken Leermeester meer
bezielt, daardoor de vrome gevoelens meer opicekt, den
zin voor hetgeen waar, regt en goed is, meer ver-
sterkt, en het verlangen, dat dit drietal Goddelijke be-