Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
138
aan Telen dag legt, en lietgeen vele vaders dan ook
in hunne zonen beklaagden, die zij uit Pestalozzisehe
opvoedingsgestichten terug bekwamen.
Het tweede is de zucht om steeds gelijk te willen
hebben, welke elke onderrigting onbegrepen van zich
afwijst.
Het derde de bedilzucht, welke er gestaag op uit
is, gebreken te zien en te berispen, doch nooit met
bedaard onderzoek zich zelven en anderen beschouwt,
ten einde het ware en goede te vinden.
Het vierde de onstuimige disputeer-geest in gemeen-
schappelijke beraadslagingen, welken het nooit om de
behandeld wordende zaak, maar eenig en alleen om
het bestrijden en overwinnen van de gevoelens van
anderen te doen is, ofschoon deze ook, wat den grond
aanbelangt, met zijne eigene overtuiging mogten over-
eenkomen. Een zeer ongelukkig nadeel voor het aan-
gename gezellige verkeer is bij velen van die leerlin-
gen dc hekelzucht (satyre), waardoor met een enkel
bon mot dikwerf zelfs de voor het openbare leven al-
lerschadelijkste vijandschappen tusschen mannen, en
zelfs gansehe familiën, worden voortgebragt.
§. 109.
De overweging van dergelijke uitkomsten van deze
scholen moet eiken vriend van beschaving tot de over-
tuiging brengen, dat ook zij niet tot het ware doel
geleiden. Maar, wanneer bij deze overweging nog wordt
in aanmerking genomen de invloed, dien zij op de
algemeene belangen van het oogenblik uitoefenen, dan
zullen wij ons zelven moeten zeggen, dat die scho-
len, buiten en behalve de opgenoemde nadeden, ook
nog voornamelijk schadelijk kunnen worden voor de