Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
123
was geenszins de rede, en kon het niet zijn; want
het wezentlijke idéé van het ware menschelijke leven,
om welks bedoeling te bereiken alle schoolkundigheden
souden behooren dienstbaar gemaakt te worden, strekt
dezer scholen niet tot geleidster.
Uit dien hoofde kon het in deze seholen op niets
anders worden toegelegd dan op het leeren. Het be-
wijs hiervan is o) reeds gegeven in de inrigting dier
seholen, b) gelegen in de literatuur van het school-
wezen.
Nergens treft men voor dnsdanige scholen een be-
paald leerplan aan, nog minder eene algemeene bepa-
ling ten aanzien van de wijze, hoe die veelvuldige onder-
wijsvakken lot een gepast doel te behandelen zijn.
Wat het leerplan in het algemeen aanbelangt, zoo
blijkt het, gelijk boven reeds werd opgemerkt, dat
er in het opnoemen van de leervakken niet eens
een vast denkbeeld ten aanzien van het doel aanwe-
zig was, nademaal eene menigte derzelve in meer dan
één leerplan zonder bepaalde orde en rangschikking
wordt opgenoemd, en daarentegen weder in andere
die orde en rangschikking in strijd met de wetten der
redeneerkunde (1) voorkomt. ^
(1) Wij willen, om een voorbeeld te gebruikén, aannemen,
dat in een leerplan de onderwerpen in eene stelselmatige orde
zijn opgenoemd , zoodat God, Mensch , Natuur , Getal, Maat en
Spraak de hoofdschets yan de sloffe des onderrigts uitmaken.
Nu moeten wij in de eerste plaats Tragen, of dan de geringer
geachte en meer bepaalde onderwerpen: Getal, Maat en
Spraak, met de ruimere eu onbeperktere: God, Mensch ,
Natuur, in gelijke rangorde gesteld kunnen worden; en Ter-