Boekgegevens
Titel: Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Auteur: Graser, Johann Baptist
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon, 1844
Opmerking: Vert. van: Das Verhältniss der Elementarschule zur Politik der Zeit
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1169 D 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204333
Onderwerp: Onderwijs: onderwijssystemen, onderwijsinstellingen: algemeen
Trefwoord: Onderwijsstelsels, Lager onderwijs, Staat (politicologie)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het lager onderwijs in betrekking tot de staatsinrigting: eene beoordelende beschouwing van het tegenwoordige onderwijs ...: staatslieden ter overweging, onderwijzers ter behartiging aanbevolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
106
ve op geheel andere wijze en meer vrij Ie gemoet te
komen en tot ontwikkeling te helpen brengen. Even
zoo ontmoedigend is insgelijks dc waarneming, dat de
mannen van het onderwijs in het geheel niet schijnen
te begrijpen, dat de menschelijke vovmiug niet door af-
gehrokene zedesjiverrken, eti door Iccsopfeningen, in zoet-
sappige verhalen bestaande, den kinderen tan buiten af
kunnen ingegeven worden.
De zedelijke ^vorming is eene gestadig voortgaande
meer verhoogde ontwikkeling van de voortredclijke
menschelijke natuur des kinds. (Naar Gods evenbeeld
is de menseh gesehapcn. — Den kleinen behoort het
hemeh'ijk.) Indien derhalve de vader, of de moe-
der, of de onderwijzer, zich met de taak belast,
om deze ontwikkeling te bevorderen, dan behoort
het eerste woord, waarmede het onderwijs aan-
vangt, reeds eene opwekking tot die ontwikkeling te
zijn, en vervolgens geheel de omgang met den leer-
ling in trapswijze gercgchie opklimming zich steeds
hooger te bewegen.
Bij een onderwijs van kinderen, hetwelk niet op
deze wijze, raet name bij den eersten aanvang van het-
zelve, is ingerigt, hetvvelk er niet op uit is, oiu den
leerling langs dezen Aveg door het onderwijs in het le-
zen en schrijven te vormen, is ook zelfs de voortref-
felijkste inrigting om de schriften, namelijk, met de
heerlijkste spreitJien uit het Goddelijk Woord of van men-
schelijke wijsheid te versieren, zonder nut, dewijl het
gemoed eens kindshetwelk in de eerste ontwikkeling is
verwaarloosd, dezelve niet opneemt, en een bekrompen
denkend onderwijzer toch maar voornamelijk op het
schoon en juist schrijven der voorschriften en dictaten,