Boekgegevens
Titel: Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1894
2e, verb. dr; Oorspr. uitg.: 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1834
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204331
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Vorige scan Volgende scanScanned page
217
6. Lipbloemigen zijn overblijvende kruiden met een
vierkanten stengel en enkelvoudige bladen. De bloemen
zitten met twee tot zes om den stengel bij do bladen en
vormen schijnkransen. De kelk is vijfslippig en blijvend;
de bloemkroon tweeslippig. Zij heeft meestal twee lange
en twee korte meeldraden en één stamper.
7. Slentelblocmigeu zijn overblijvende kruiden met enkel-
voudige bladen. De stengel draagt vijfslippige bloemen
met vijf (vier tot acht) meeldraden en één stamper.
8. Koinkommcrachtigen hebben een klimmenden, kruid-
achtigen stengel met enkelvoudige bladen en met ranken.
De eene bloem heeft alleen meeldraden, de andere alleen
stampers. Zij zijn vijfslippig.
c. Zonder bloemblua<lJes.
1. Netelachtigen zijn kruiden of houtgewassen met
ruw behaarde bladen. Do bloemen hebben een vierdee-
ligen kelk en geene bloemkroon. De eene plant heeft
alleen bloemen met meeldraden, de andere alleen met
stampers (tweehuizig.)
2. Wolfsmellicn zijn kruiden of houtgewassen met
meestal enkelvoudige bladen. De meeldradenbloemen en
stamperbloemen zijn gewoonlijk op dezelfde planten (een-
huizig), dikwijls dicht bij elkaar en van een gemeenschap-
pelijk hulsel omgeven. Veelal ontbreekt de kelk ook geheel.
3. Kaljesdragenden zijn boomen en heesters. Nu eens
zitten meeldraad- en stamperbloemen aan dezelfde katjes
of alleen de meeldraadbloemen, terwijl de stamperbloemen
met een tot vier bij elkaar zitten. De kelk gelijkt meestal
op schubben, de stamper is dikwijls door een bekervormig
hulsel omgeven.
4. Naalddragenden zijn veelal hooge, slanke boomen
met naaldvormige, altijd groene bladen. Meeldraad- en
stamperbloem staan meestal op dezelfde plant. De kelk
bestaat uit schubben. Het zaad is gevleugeld. Zij leveren
timmerhout, hars, pik, terpentijn, enz.