Boekgegevens
Titel: Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1894
2e, verb. dr; Oorspr. uitg.: 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1834
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204331
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Vorige scan Volgende scanScanned page
176
maar bijzaak. Sommige zijn hun gansche leven
blootgesteld aan de vervolging van sterke, sluwe,
vlugge vijanden ; deze dieren ontvingen daarom
scherpe zintuigen ; zij moesten immers van verre
het dreigende gevaar kunnen ontdekken. Andere
moeten eene voorzichtige, vlugge prooi kunnen
bemachtigen; deze werden door God in staat
gesteld, om met gunstigen uitslag ter jacht
te gaan.
De snelheid der hazen in het loopen is
spreekwoordelijk. Hun gehoor is tevens zoo
scherp , dat het minste geritsel hun niet ont-
gaat. Hunne oogen zijn zoo geplaatst, dat zij
naar voor en vrij ver naar achter kunnen
zien, zonder den kop om te wenden. Hunne
achterpooten zijn 2 maal zoo lang als de voor-
pooten, waardoor zij in staat zijn om groote
sprongen te maken.
De knaagdieren hebben beitelvormige, uiterst
scherpe tanden. Dij eenige, b. v. de bevers
groeien deze voortdurend aan.
De roofdieren hebben groote en sterke hoek-
tanden of scheurkiezen, waarmede zij, even
als met de nagels hunner klauwen, hunne
prooi verscheuren.
Met een enkelen slag van zijn klauw verbrij-
zelt een leeuw den ruggegraat van een paard,
de tijger sleept den door hem gedooden buifel
mede. De leeuw doet sprongen van O M., en