Boekgegevens
Titel: Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1894
2e, verb. dr; Oorspr. uitg.: 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1834
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204331
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Vorige scan Volgende scanScanned page
159
zulken toestand door den jager gevonden, dan
valt het hem gemakkelijk het monster te dooden.
De zinnen der slang zijn niet zeer ontwik-
keld. De oogen hebben geen oogleden en kun-
nen dus niet gesloten worden. De oogen zijn
levendig en glanzend, maar zien niet scherp.
Zij worden beschermd door de fijne opperhuid,
die er overheen zit, maar toch doorzichtig is.
De slangen bemerken wel de bewegingen der
prooi, maar bijten vaak mis, zelfs werpen zij
zich op bewegende schaduwen. Des nachts
schijnen zij volstrekt niets te zien.
Ook het gehoor kan niet zeer scherp zijn,
want de ooren zijn uiterlijk niet zichtbaar, de
opening is onder de schubben verborgen en
het trommelvlies ligt met de huid gelijk. Toch
schijnen zij niet ongevoelig voor den klank der
muziek. Gelijk bij alle kruipende dieren is ook
bij de slangen de reuk zeer zwak.
De smaak is al evenmin ontwikkeld. Zij ver-
slinden de vogels met vederen en al, en de
andere dieren met huid en haar. De gespleten
tong der slang is haar tastorgaan. Voortdurend
is zij in beweging. Daarmede bevoelt zij den
grond, waarover zij zich beweegt. Sluit men
de slang in eene kist, dan raakt de tong beur-
tehngs alle wanden aan. Zij steekt dezelve door
elke spleet of opening. Bij het bekhmmen van
boomen onderzoekt de tong iederen tak, of hij