Boekgegevens
Titel: Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1894
2e, verb. dr; Oorspr. uitg.: 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1834
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204331
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Vorige scan Volgende scanScanned page
121
geweldigen haai, die mensch en dier als een
w^elkome prooi beschouwt en het baarsje, dat
vreedzaam zijn nestje bouwt in de wateren.
Het lichaam van den visch is tot zwemmen
ingericht. De kop zit zonder hals aan den romp
en is van voren spits. De oogen liggen geheel
in den kop, waardoor er minder gevaar bestaat
van ze te kwetsen. In plaats van beenderen
hebben de visschen graten.
Aan het geheele lichaam is geen enkel uit-
stekend lidmaat, dat hen in het zwemmen zou
kunnen hinderen.
Vele zijn met schubben bedekt; dit zijn kleine,
gladde plaatjes, schier zonder zwaarte, die als
de leien van een dak over elkaar liggen.
De vinnen aan borst en buik dienen om het
lichaam in het water recht te houden. Door
middel van staart en vinnen beweegt zich de
visch in het water voort.
Het rijzen en dalen geschiedt bij de meeste
visschen door het uitzetten en inkrimpen van
eene met lucht gevulde blaas.
De visch komt nagenoeg in zwaarte met het
water overeen, zoodat hij geheel tot zwemmen
ingericht is.
Geen dier staat aan zulke aanhoudende ver-
volging bloot als de visch. Mensch en dier zijn
er op uit hem te vangen, want zijn vleesch is
eene geliefkoosde spijs.