Boekgegevens
Titel: De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1861
3e dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1534 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204298
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
(lat luj van steen is. Het is eene eigenschap ven een^
vogel, dat hij veeren heeft. Het is eene eigenschap
van den emmer, dat hij hol is.
Nu zijn er eigenschappen , die alle dingen bezitten.
Men noemt ze algemeem eigemckappeu der ligchaineu.
Een ligcliaam is ieder ding, dat wij kunnen waar-
nemen , en dat eene zekere plaats inneemt. Boomen,
griften, spelden, rozen, haren, zaadkorrels , vinger-
hoeden, bergen zijn ligchamen.
De algemeene eigenschappen der ligchamen zijn: de
ondoordringhaarheid, de deelbaarheid, de poreusheid,
de zamendniJchaarheid, de uilzeCdaarheid, de zwaarte,
de lijdelijkheids
Door ondoordringhaarheid verstaat men, dat geen
twee ligchamen ten zelfden tijde dezelfde plaats kun-
nen innemen.
Waar ons ligchaam is, kan niet te gelijk een' zak
meel liggen.
Door deelbaarheid verstaat men, dat alle ligchamen,
hoe klein ook, nog verder kunnen verdeeld worden.
Zoo klein kan men een stukje hout niet maken,
of het kan altijd in nog kleinere stukjes gescheiden
worden.
Door poremheid verstaat men, dat in alle ligcha-
men openingen of poriën zijn.