Boekgegevens
Titel: De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1861
3e dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1534 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204298
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
70
licht. Gij kent verder het lamp-, kaars- en gaslicht,
waarmede wij het gemis van het zonnelicht trachten te
vergoeden. Vermolmd hout, sommige rottende dieren,
en den glimworm, die men in ons land 's zomers
aantreft, zijn mede lichtende ligchamen, en als men
de lucifer zoo zacht strijkt, dat zij niet ontbrandt,
neemt men toch op den muur of het houten beschot,
waartegen men haar wreef, eene lichtende streep waar.
Van de voorwerpen, die licht geven, gaan naar alle
zijden stralen uit j komen die in ons oog, dan zien
wij die voorwerpen. De lichtstralen gaan in eene regt-
lijnige rigting voort. Eigt men eene pijp of buis, die
niet regt is, naar eenig voorwerp, dan kan men daar-
door dit voorwerp niet zien, want de lichtstralen, die
van het voorwerp afkomen, zouden zich, om het te
kunnen zien, in de pijp moeten buigen en dit ge-
beurt niet.
Wanneer men eene kamer zoo sluit, dat er volstrekt
geen licht in kan komen, dan door een klein gaatje
in een beschot of blind, dan heeft er een schoon ver-
schijnsel plaats. Het voorwerp, dat zich buiten het
vertrek, voor het gaatje bevindt, zendt daar lichtstra-
len door, en men ziet dan in het duistere vertrek,
aan den wand, tegenover de opening eene afteekening
van dat voorwerp, volmaakt gelijkend, maar omgekeerd.
Dit laatste komt door dat de lichtstralen, die van het
voorwerp komen, in de opening elkander kruisen. Op