Boekgegevens
Titel: De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1861
3e dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1534 : 3e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204298
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
53
of men die opening boven j onder of aan de zijden van
den bol aanbrengt.
Als men een bierglas, geheel met water gevuld,
omgekeerd met den rand even onder de oppervlakte
van het water houdt, zoo dat de lucht niet kau loc-
stroomen , dan blijft het water in het bierglas staan.
De lucht drukt met hare geheele zwaarte op het wa-
ter rondom het bierglas, en daardoor kan het water
niet uit, het glas naar beneden dalen.
In de gewone huispomp wordt, door den zuiger op
te halen, de lucht onder den zuiger gedurig verdund,
er ontstaat eene ruimte, die bijna luchlledig is, het
water klimt door den druk van de lucht op het water,
of in den regenbak in de pompbuis, en wordt door
verder op eu neêr bewegen van den zuiger naar de
hoogte gebragt, waar het, door de tuit in den emmer
of in eenig ander voorwerp vloeit.
Maakt men de pomp al te lang, dan zal men geen
water kunnen krijgen, want zoodra het water onder
het luchtledig in evenwigt is met de dampkringslucht,
zal het niet hooger kunnen opstijgen. Tien el hoog
kan men het oppompen. Wil men het nog hooger
brengen, dan heeft men meer dan ééne pomp noodig.
Al de lucht, die boven de aarde staat, is dus in
evenwigt met eene kolom water van tien el hoog. Was
de oppervlakte der aarde over het geheel met eene laag
water bedekt van tien el hoog, dan zou dit evenveel