Boekgegevens
Titel: Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897 *
4e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 831 : 4e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204294
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
89
23.
2f).
27.
28.
29.
30.
31.
32.
33.
34.
3o.
36.
37.
38.
39.
40.
maakt ge ook mij liet harte week.
Gij moogt nu zelf beslissen.
Ik volg uw keus.
Spreek op dan. vrouw!
(Tem II.4.4u.)
't Is ëén uur na middernacht.
In 't Over-Maassche, daar had hij zich gelegerd, de
storm.
Daar stonden populieren en esschen en wilgen in ge-
stadigen ootmoed voor hem te buigen.
Den slanken esch greep hij bij den voet
Hij moest zich baden in den breeden vloed.
Dien knotwilg gesmakt in de klei!
Dat lies en riet gezweept in het drassig oeversop!
Zich zelf gestort in den stroom !
(Cre.meh.)
Men moet zijn eigen kracht niet overschatten.
Beschouwde hij ons maar als zijne beste vrienden !
Wat beteekent die oploop van menschen daar ginds'
Wie kan zich beroemen op onvermengd gejuk. op on-
gestoorden voorspoed ?
6. Bepalingen.
1. Het paard drinkt. Het paard drinkt water.
2. De man werkt. De man werkt den ganschen dag.
3. De koe graast. De bonte koe graast.
4. De natuur lokt ons naar buiten.
De schoone natuur lokt ons naar buiten.
\. Elk tweetal zinnen drukt in hoofdzaak hetzelfde uit.
Telkens bevat de tweede zin een lid (het cursief ge-
drukte), dat tot nadere bepaling strekt van een deel