Boekgegevens
Titel: Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Deel: 2e stukje
Auteur: Boswijk, D.; Walstra, W.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897 *
4e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 831 : 4e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204294
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het levende woord: stijl- en taaloefeningen vooral ten dienste van normaal- en kweekscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
7(i
d. Schrijf ooi< vijf zinnen op met een bepaald gezegde.
e. Nu nog vijf zinnen, waarin bepalingen van eene be-
paling, dus onderbepalingen, voorkomen.
4. In sommige zinnen ontbreekt de voorstelling van een
der hoofddeelen van de gedachte of zelfs van beide.
Zulke zinnen heeten elliptische zinnen, onverschillig of
het uitgedrukte zinsdeel bepaald of onbepaald is. Dat
gebruiken van zinnen, wier bouw afwijkt van den regel,
is het gevolg van de zucht naar kortheid; die kortheid
heeft mede ten gevolge, dat het belangrijkste gedeelte
der gedachte te beter uitkomt. Het gebruik van ellipti-
sche zinnen is alleen dan geoorloofd, wanneei' de om-
standigheden aanvullen, wat in den zin ontbreekt; de
gebezigde woorden toch moeten \oor den hoorder vol-
doende zijn, om er uit op te maken, wat de spreker
denkt. Vele spreuken en spreekwoorden zijn elliptisch.
Bijna geregeld is het antwoord op de eene of andere
vraag elliptisch. Een gebod wordt geregeld uitgedrukt
zonder vermelding van den persoon, wien het bevel be-
treft. Juist omdat dit g^ej-epeW plaats heeft, worden zinnen
als luister! opgelet! tcerken! enz. dikwijls niet tot de ellip-
tische ziimen gerekend, hoewel ze er, strikt genomen,
toe behooren, aangezien de sin de voorstelling van een
der leden van de gedachte mist.
Opgaven.
a. iJruk door eenen gewonen zin de gedachte uit, die
opgesloten ligt in de volgende elliptische zinnen.
Geen rust voor den hoose. Moed gevat! Wanneer zult
gij komen? Morgen. Waar leidt gij hem heen? Naar
't schavot. Opgepast!
b. Geef zelf eenige elliptische zinnen op, druk hunne
beteekenis door gewone zinnen uit en tracht telkens
op te geven, hoe het komt, dat de woordenreeks.